**·.** 1. Tot de aan de vergunning te verbinden voorschriften kan behoren het voorschrift, dat binnen een bepaalde termijn en overeenkomstig de door het bevoegd gezag te geven aanwijzingen moet worden herplant.
**·.** 2. Wordt een voorschrift als bedoeld in het eerste lid gegeven, dan kan daarbij tevens worden bepaald binnen welke termijn na de herbeplanting en op welke wijze niet geslaagde beplanting moet worden vervangen.
**·.** 3. Indien voldoende termen aanwezig zijn om overeenkomstig het bepaalde in lid 1 een herplant voorschrift te verbinden aan de vergunning, doch uitvoering hiervan in ruimtelijke zin niet mogelijk is of naar maatstaven van redelijkheid onvoldoende compensatie biedt voor het vellen van de houtopstand, kan het bevoegd gezag aan de vergunning het voorschrift verbinden, dat de vergunning aanvrager een door hen te bepalen vergoeding, gebaseerd op de boomwaarde, verschuldigd is, te storten op de rekening van het bevoegd gezag.
**·.** 4. het bevoegd gezag stelt nadere regels vast omtrent de wijze waarop de hoogte van de in het 3e lid bedoelde vergoeding, gebaseerd op de boomwaarde, wordt bepaald.
**·.** 5. Tot de aan de vergunning te verbinden voorschriften kunnen behoren aanwijzingen ter bescherming van in en rond de houtopstand voorkomende flora en fauna.
HOOFDSTUK 4 › AFDELING 3.
Artikel 4:11.5
Bijzondere vergunningvoorschriften.
Onderdeel van Algemene Plaatselijke Verordening gemeente Enschede 2009