De mogelijkheid tot herziening zoals bedoeld in artikel 2 wordt beperkt tot de gevallen waarin niet sprake is van:
een feit dat bedoelde ambtenaar bekend was of redelijkerwijs bekend had kunnen zijn;
een bij de belanghebbende gewekt, rechtens te beschermen vertrouwen dat de oorspronkelijke vastgestelde waarde juist was;
een kennelijk onjuist vastgestelde waarde;
een gewijzigd inzicht in de toepassing van de wettelijke bepalingen.
Artikel 4
Beperking mogelijk tot herziening
Onderdeel van Beleidsregels met betrekking tot de waardeherziening en navordering 2005