Lid 1
Een buitenlandse dienstreis van een medewerker kan slechts plaatsvinden met toestemming van de werkgever.
Lid 2
Buitenlandse dienstreizen zijn in bepaalde situaties van toepassing in geval van opleiding, oefening en instructies, seminars, congressen, excursies e.d. Hiertoe is de medewerker afgevaardigde namens de BAR-organisatie en/of de gemeente Albrandswaard en/of Ridderkerk en/of Barendrecht.
Lid 3
Uitnodigingen voor reizen, werkbezoeken en dergelijke op kosten van derden worden altijd besproken met de werkgever en onder meer getoetst op integriteitrisico’s, zoals belangenverstrengeling. Voor de beslissing een verzoek te accorderen en in te gaan op de uitnodiging, is doorslaggevend de afweging of de BAR-organisatie of één van de gemeenten hiermee is gediend of hierdoor kan worden geschaad.
Lid 4
Dienstreizen worden vergoed volgens het bepaalde in de “Regeling dienstreizen en verblijfskosten BAR-organisatie”.
Lid 5
Het meereizen van de partner of derden op kosten van de BAR-organisatie is niet toegestaan. Het meereizen van de partner of derden op eigen kosten is in principe toegestaan. In het geval dat een partner of derde op eigen kosten voornemens is de medewerker te vergezellen tijdens de buitenlandse dienstreis, wordt dit samen met het verzoek om toestemming kenbaar gemaakt. Dit wordt dan ook bij de besluitvorming hieromtrent betrokken.
Lid 6
Het verlengen van een buitenlandse dienstreis voor privédoeleinden is toegestaan, mits dit is betrokken bij de besluitvorming. De extra reis- en verblijfkosten komen volledig voor rekening van de medewerker.
Lid 7
De in verband met de buitenlandse dienstreis gedane functionele uitgaven worden vergoed conform de geldende regelingen. Uitgaven worden vergoed voorzover zij redelijk en verantwoord worden geacht.