1.Aan het lid van een commissie dat geen raadslid of wethouder is en
niet in zijn
hoedanigheid van ambtenaar tot lid van een commissie is benoemd worden
de
kosten in verband met reizen buiten het grondgebied van de gemeente ter
uitvoering
van een beslissing van het gemeentebestuur vergoed.
De vergoeding in het eerste lid bedoelde vergoeding
betreft:
bij gebruik van openbare middelen van vervoer en van een
taxi: een volledige
vergoeding van de in redelijkheid gemaakte noodzakelijke
reiskosten;
b.bij gebruik van een eigen vervoermiddel: een vergoeding van de in
redelijkheid
gemaakte noodzakelijke reiskosten overeenkomstig het bepaalde in artikel
4,
onderdeel b, van de Regeling rechtspositie wethouders.
3.De in redelijkheid noodzakelijk gemaakte verblijfskosten ter zake van
reizen buiten
het grondgebied van de gemeente worden vergoed overeenkomstig het
bepaalde in
artikel 4, onderdeel c, van de Regeling rechtspositie wethouders.
Hoofdstuk IV
Artikel 27
Reis- en verblijfkosten
Onderdeel van nr 01.14 Verordening rechtspositie wethouders, raads- en commissieleden 2007