1. Incidenteel kan voorkomen dat tijdens het voortgangsgesprek of evaluatiegesprek wordt geconstateerd, dat de medewerker minder goed functioneert dan mocht worden verwacht. Dan worden afspraken gemaakt over oplossingen ter verbetering van het functioneren.
2. Wanneer tijdens een volgend gesprek wordt geconstateerd, dat de gekozen oplossingen niet hebben geleid tot het beoogde resultaat, dan maken leidinggevende en medewerker afspraken over een afzonderlijk intensiever verbetertraject, naast de HR-gesprekscyclus.