Naar hoofdinhoud

Artikel 2

recht op langdurigheidstoeslag

Onderdeel van Langdurigheidstoeslag 2014

Recht op langdurigheidstoeslag op grond van de wet en deze verordening heeft de belanghebbende die: langdurig een laag inkomen heeft; op de dag van een aanvraag voor langdurigheidstoeslag geen in aanmerking te nemen vermogen, zoals bedoeld in artikel 1, derde lid, van deze verordening heeft; geen zicht heeft op inkomensverbetering. Geen langdurigheidstoeslag wordt toegekend wanneer belanghebbende in de afgelopen 36 maanden: wegens een gedraging van de 4de categorie een maatregel opgelegd heeft gekregen; of wegens tekort schietend besef van verantwoordelijkheid een maatregel opgelegd heeft gekregen; of wegens het verlies van een passende en toereikende voorliggende voorziening door toepassing van de bestuurlijke boete een maatregel opgelegd heeft gekregen; of een maatregel opgelegd heeft gedragen op grond van het zeer ernstig misdragen tegenover het college of zijn ambtenaren; of een bestuurlijke boete opgelegd heeft gekregen op grond van schending van de inlichtingenplicht die geleid heeft tot een benadelingsbedrag

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel