**1..** Een belanghebbende is uitgesloten van het recht op langdurigheidstoeslag, indien:
deze op enig moment gedurende de periode zoals bedoeld in artikel
1, eerste lid, onder c van deze verordening niet als Nederlander, of
daaraan gelijkgesteld in de zin van artikel 11 van de wet, kan
worden aangemerkt, of;
deze op enig moment gedurende de periode zoals bedoeld in artikel
1, eerste lid, onder c van deze verordening één van de
uitsluitingsgronden, zoals bedoeld in artikel 13, eerste lid, aanhef
onder a tot en met e van de wet, van toepassing is;
deze tijdens of na afloop van de in artikel 1, aanhef en onder c
genoemde periode uit ’s Rijks kas bekostigd onderwijs volgt.
**2..** Kortdurende detentie en een kortdurende overschrijding van de gebruikelijke vakantieduur in de zin van artikel 13, eerste lid, onder a, respectievelijk artikel 13, eerste lid, onder d van de wet zijn geen reden om een belanghebbende uit te sluiten van het recht op langdurigheidstoeslag.
**3..** Onder kortdurend in de zin van het tweede lid wordt verstaan: een termijn van maximaal negentig dagen gedurende 36 maanden.