1.De aanvrager doet aan het college op verzoek of onverwijld uit eigen beweging mededeling van
alle feiten en omstandigheden waarvan hem redelijkerwijs duidelijk moet zijn dat zij van invloed kunnen zijn op het recht op de vergoeding krachtens deze stimuleringsmaatregel.
De aanvrager dient de aanvraag in, via het daarvoor bestemde aanvraagformulier, uiterlijk binnen 6 maanden nadat aan de voorwaarden van de stimuleringsmaatregel is voldaan.
Voordat een aanvraag in behandeling wordt genomen, dient een door de aanvrager en de werknemer ondertekende arbeidsovereenkomst te zijn overlegd.
Voordat tot uitbetaling van een stimuleringsvergoeding wordt overgegaan dient aanvrager de aanvraag te onderbouwen middels overlegging van de volgende documenten:
een recente kopie van de loonstrook, loonstroken of andere bewijsstukken waarmee de actie of prestatie wordt aangetoond die aan de aanvraag ten grondslag liggen;
ingeval het een incentive betreft (artikel 6, lid 2),de loonstrook over 19e maand..
Aan een vergoeding op grond van artikel 5, lid 9 is de voorwaarde gekoppeld van het insturen van een kopie van de loonstaat, opgemaakt aan het einde van het betreffende kalenderjaar.
Voor verzilvering van de scholingsvoucher (artikel 6, lid 1) lid 1 overlegt werkgever de documenten waaruit blijkt dat werkgever kosten heeft gemaakt voor persoonlijk genoten scholing door de werknemer.
Hoofdstuk
Artikel 7
Verplichtingen van de aanvrager
Onderdeel van Beleidsregel stimuleren werkbemiddeling 2014