Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk

Artikel 4.1

Focus op de stromen waar het meeste resultaat is te boeken

Onderdeel van Afvalinzameling en afvalscheiding - op weg naar 65%-

4.1.1 Groente, fruit en tuinafval (gft) Huidige situatie In 2012 is er in Heemstede 3039 ton gft ingezameld. Dit is ongeveer 76% van de totale hoeveelheid. De landelijke doelstelling is 55%. Deze wordt dan ook ruim gehaald. De gft-inzameling in Heemstede gaat dus op zich prima, maar kan nog wel aanzienlijk worden verbeterd. Voor een deel is dit goede resultaat te danken aan de relatief grote tuinen in Heemstede. Tuinafval wordt over het algemeen beter gescheiden dan de gf-fractie. Uit de sorteeranalyses blijkt dat jaarlijks nog ongeveer 1600 ton gft in het restafval zit. Hiervan bestaat 30% uit tuinafval. In de hoogbouw is het percentage gft overigens hoger dan in de laagbouw (respectievelijk 39% tegenover 28%). De kwaliteit van het gft-afval uit de ondergrondse containers is slecht. Tot en met 2010 werden jaarlijks 2 takkenrondes gereden; in april en november. De ingezamelde hoeveelheid bedroeg ongeveer 20 ton op jaarbasis. Sinds 2011 is de totale hoeveelheid grof tuinafval (opgehaald en gebracht op de milieustraat) met circa 300 ton gedaald. Verbetervoorstellen gft Verbeteren kwaliteit van het gft-afval bij hoogbouw Het ingezamelde gft uit (ondergrondse) containers is vaak vervuild. Hierdoor moet jaarlijks circa 10 ton gft als restafval worden verwerkt. De vervuiling van gft is een landelijk probleem en veel gemeenten zijn daarom gestopt met inzameling van gft bij hoogbouw. Dit is echter niet het signaal dat de Gemeente Heemstede en Meerlanden willen afgeven. Helaas heeft een communicatieactie in 2011 geen resultaat gehad. Daarom wordt in februari 2014 een proef gestart met het afsluiten van de ondergrondse gft-containers. Deze containers zijn dan alleen nog toegankelijk voor inwoners die zich hebben aangemeld als “gft-scheider”. Invoeren van een alternatieve takkenronde. Met een alternatieve vorm van de takkenronde kan wellicht voor lagere kosten een gelijke hoeveelheid grof snoeiafval worden opgehaald als op de ‘oude’ manier. Om zoveel mogelijk grof tuinafval gescheiden in te zamelen, kunnen alle inwoners dit materiaal een aantal dagen in het voor- en najaar gratis inleveren op verschillende locaties. Een andere mogelijkheid is om de takkenronde ‘op afroep’ te rijden. Eigenlijk het zelfde systeem als bij het grofvuil. In het voorjaar en het najaar wordt op meerdere dagen een takkenronde gereden waarvoor men zich vooraf moet aanmelden. Tijdelijk verhogen inzamelfrequentie van het gft-afval Het wekelijks inzamelen van gft-afval in de zomermaanden is één van de mogelijkheden om meer gft in te zamelen. Het rottingsproces in de rolemmer bij vooral warm weer, kan namelijk leiden tot stankoverlast uit de gft-rolemmer. Stank leidt tot klachten van burgers, die sneller hun gft bij het restafval zullen gooien. Een andere mogelijkheid is een verhoogde inzamelfrequentie te koppelen aan bijvoorbeeld de periode waarin burgers veel werkzaamheden uitvoeren in de tuin. Dit zijn enkele weken in het voor- en najaar. Naast een verwachte extra inzamelrespons, betekent dit ook een serviceverhogende maatregel. Uitgaande van een periode van twee maanden (8 weken) betekent dit dus 4 extra inzamelrondes Als aanname wordt uitgegaan van een toename van 2% gft-afval, of 60 ton op jaarbasis. De tuinzak Grof tuinafval kan gratis worden ingeleverd op de milieustraat. Voor bepaalde groepen inwoners kan het lastig zijn om grof snoeiafval zelf naar de milieustraat te brengen. Een mogelijkheid is het op aanvraag beschikbaar stellen van een tuinzak van 1 kuub. Deze zak wordt tegen een nader te bepalen vergoeding aan huis afgeleverd. Op een afgesproken tijdstip wordt de gevulde tuinzak opgehaald. Het voordeel van de zak is dat men op deze wijze veel tuinafval (zoals bladafval, gemaaid gras en klein snoeiafval) in één keer kan aanbieden. Keukenmanagement; afval scheiden in de keuken stimuleren Afvalscheiding en vooral de scheiding van groente- en fruitafval (gf-afval) begint in de keuken. Bijna de helft van het gft in het restafval is groente- en fruitafval. Op initiatief van (een vertegenwoordiging van) de ‘Klankbordgroep Duurzaamheid Heemstede’ is een overleg gestart met Meerlanden om de mogelijkheden te bezien om via een speciaal keukenbakje met zakjes, de gescheiden inzameling van gf-afval te bevorderen. Dat kan bijvoorbeeld met een speciaal ontwikkeld ventilerend afvalemmertje met biologisch afbreekbare en composteerbare zakjes. De zakjes ademen waardoor het groente- en fruitafval uitdroogt. Dit voorkomt schimmelvorming en geurtjes, ook tijdens warme zomermaanden. De biologisch afbreekbare zakjes zijn gemaakt van maïszetmeel en kunnen na gebruik bij het gft-afval. Minimaal één keer per week moet het zakje vervangen worden, dan blijft het afvalemmertje schoon Uit sorteeranalyses blijkt dat in het restafval per inwoner nog zo’n 36 kg gft-afval zit. Hiervan is ongeveer 24 kg voedselverspilling. Wanneer 30% van de inwoners nu wel tot scheiding in de keuken overgaat en hierdoor zo’n 50% van het gf-afval gaan scheiden, behoort een extra hoeveelheid gf-afval van 90 ton op jaarbasis tot de mogelijkheden. Communicatie / voorlichting Stimuleren / promoten gebruik van grotere groene gft-rolemmer. Het omruilen van een kleine naar een grotere rolemmer (van 140 naar 240 liter). De huidige verhouding rolemmers klein – groot is 66,5% - 33,5%. De mogelijkheid van het kosteloos aanbieden van gft-afval op de milieustraat kan worden gepromoot. Wellicht dat hierdoor het deel van het grof tuinafval uit het restafval wordt verminderd. Het belang van gft-scheiding beter bekend maken. Wat gebeurt er met het afval? Gft-afval is zeer waardevol; er wordt onder andere groengas van gemaakt. Hier is de afgelopen jaren al heel veel energie in gestoken door Meerlanden. Helaas is het resultaat nauwelijks terug te zien in het scheidingspercentage. Voedselverlies beperken. 20 tot 30% van het gft in het restafval is vermijdbaar voedselverlies (voedselverspilling en brood). Landelijk staat dit onderwerp volop in de belangstelling, ook door recente onderzoeken, publicaties en campagnes vanuit het Ministerie van Economische Zaken. Onderzoek heeft uitgewezen dat de Nederlandse consument ieder jaar gemiddeld zo’n 50 kilo aan voedsel weggooit. De overheid wil de voedselverspilling met 20% verminderd hebben in 2015. Lukt het om door gerichte voorlichting de voedselverspilling in Heemstede met 20% omlaag te brengen, dan zou dit overeenkomen met zo’n 58 ton minder restafval op jaarbasis. Binnen het totale verzorgingsgebied van Meerlanden is een dalende kwaliteit waarneembaar van het gft-afval in de rolemmers. Meerlanden wil acties ondernemen om de kwaliteit weer op een hoger peil te brengen. Te denken valt hierbij aan het controleren van de rolemmers door de ‘voorloper’, al dan niet in combinatie met het aanbrengen van labels op de rolemmers en het aanbrengen van ‘reclame-uitingen’ op de inzamelvoertuigen. 4.1.2 Plastic (kunststof verpakkingsafval) Huidige situatie De inzameling vindt plaats door middel van een brengsysteem. Door de gemeente verspreid zijn 14 locaties waar inwoners deze afvalstroom kunnen aanbieden (8 ondergrondse containers, waarvan 2 perscontainers, 6 bovengrondse containers, waaronder 1 op de milieustraat) Vanaf het moment van gescheiden inzameling van plastic valt een stijgende lijn van de ingezamelde hoeveelheid waar te nemen. In 2012 is 186 ton (7,1 kg per inwoner) ingezameld. De verwachting is dat deze hoeveelheid in 2013 nog iets zal stijgen, maar de grote groei is er inmiddels wel uit. Uit de sorteeranalyse van 2013 blijkt dat er ongeveer 27% van het plastic gescheiden wordt ingezameld; de landelijke doelstelling is 42% (zelfs oplopend tot 52% in 2022). Heemstede ligt ongeveer op het landelijk gemiddelde van bronscheiding, maar de landelijke doelstelling is nog ver weg. Toekomstige ontwikkelingen Er is een nieuw verpakkingenakkoord 2013-2022 gesloten tussen het verpakkende bedrijfsleven, het ministerie en de VNG. Dit akkoord vormt onder andere de basis voor de inzamelvergoedingen voor kunststofverpakkingsafval. Afschaffen statiegeld In principe is in het nieuwe verpakkingenakkoord besloten het systeem van statiegeld op de grote PET-flessen met ingang van 1 januari 2015 af te schaffen. Dit betekent dat ook deze stroom door inwoners als plastic zal worden aangeboden. Op basis van een landelijk onderzoek uit 2010 blijkt dat ingeleverde PET-flessen ongeveer 10% van de totale hoeveelheid huishoudelijk plastic uitmaakt. Een globale inschatting laat zien dat als gevolg van de afschaffing van statiegeld een toename van de deelstroom plastic kan worden verwacht van ongeveer 70 ton. Hiervan zal een deel in het restafval en een deel gescheiden worden aangeboden. Vergoeding voor plastic Vanaf 1 januari 2015 verandert de rol van de gemeente in de kunststofketen. De gemeente is dan niet alleen verantwoordelijk meer voor het inzamelen van het plastic, maar ook voor het sorteren en mogelijk voor het vermarkten van het plastic afval. Hierbij zal worden afgerekend op de kwaliteit van het geleverde plastic. Ook wordt een vergoeding betaald voor de netto ingezamelde tonnages. Gemeenten krijgen nu betaald voor de bruto ingezamelde hoeveelheid (plastic en vervuiling). Landelijk bestaat 5 tot 45 % van het inzamelende plastic uit vervuiling (ander afval). Bij diftar (zie § 4.7.1) gemeenten is de vervuiling het hoogst. De vergoedingen voor plastic bedroeg in 2009 nog € 475 per ton. De vergoedingen in 2013 is teruggebracht tot € 445 en voor 2014 tot € 430 per ton. De vergoeding zal na 2015 niet stijgen. Het is dus zaak scherp op de kosten van de inzameling te letten, zodat deze minimaal kostenneutraal blijft. Verbetervoorstellen plastic Uitbreiding van inzamellocaties Op dit moment wordt er op 14 locaties plastic ingezameld. Dit betekent een dichtheid van 1 container op ongeveer 1.900 inwoners. Kijkend naar de fracties glas en papier/karton die eveneens via een brengsysteem worden ingezameld, dan valt op dat de containerdichtheid voor die fracties (veel) hoger is. Gemiddeld is voor de fracties glas en papier en karton sprake van een containerdichtheid van 1 op circa 850 inwoners. Daar komt bij dat de fractie kunststof verpakkingsafval veel volumineuzer is dan de andere fracties. Om de inzamelcapaciteit uit te breiden kunnen extra containers worden geplaatst. Qua locaties wordt aansluiting gezocht worden bij de bestaande containerlocaties voor glas en papier. Er kan gekozen worden voor een grootschalige uitbreiding (a1) of een geleidelijke uitbreiding (a2). Voor ondergrondse inzameling van kunststof verpakkingsafval kan gebruik worden gemaakt van ‘gewone’ of perscontainers. De kapitaallasten van de perscontainers zijn hoger dan voor de gewone containers, doch de inzamelkosten zijn echter lager. De containers hoeven immers minder vaak te worden geleegd, wat ook een positief milieueffect heeft. a1. Grootschalige uitbreiding - aantal inzamellocaties gelijk aan glas en papier Dit impliceert een extra aantal te plaatsen containers van 17 stuks. In dit stadium van het proces is vooralsnog en indicatief uitgegaan van het plaatsen van 13 gewone ondergrondse containers en 4 ondergrondse perscontainers. Hiermee zijn aanzienlijke investeringskosten gemoeid; ook zullen de inzamelkosten omhoog gaan. Het ligt voor de hand dat de hoeveelheid ingezameld kunststof verpakkingsafval dan ook zal toenemen. De verwachting is dat per inwoner een hoeveelheid van 11 kg binnen een periode van ongeveer 2 jaar realiseerbaar moet zijn. Dit betekent een toename van circa 100 ton op jaarbasis. a2. Gefaseerde uitbreiding van inzamellocaties In dit alternatief worden in eerste instantie 5 nieuwe inzamellocaties gerealiseerd. Hierdoor zijn de investeringkosten lager zijn en de risico’s kleiner. De locaties van de 5 bovengrondse containers zijn effectief gebleken. Deze worden vervangen door ondergrondse containers. 2 ondergrondse containers bij de winkels (Glipper Dreef en Jan van Goyenstraat) worden vervangen door perscontainers. De 5 bovengrondse stalen containers worden op andere locaties geplaatst. Wellicht over enkele jaren (na afschaffing statiegeld) is weer een dergelijke uitbreiding mogelijk. Bovengronds wordt ondergronds, en nieuwe locaties bovengronds toevoegen. Huis-aan-huisinzameling In veel gemeenten in Nederland wordt plastic aan huis opgehaald. Hier is vaak voor gekozen omdat de investeringskosten laag zijn, maar ook zodat de inwoners niet met deze zeer volumineuze afvalstroom hoeven te slepen. De huis-aan-huisinzameling kent twee methoden: met behulp van zakken (optie b1) of door gebruik te maken van rolemmers (optie b2). b1. Inzameling met behulp van zakken vindt onder andere plaats in de gemeenten Bloemendaal, Hillegom en Lisse. In die gemeenten wordt ruim 8 kg per inwoner ingezameld (in Heemstede 7,1 kg). De huis-aan-huisinzameling vindt één keer per twee weken plaats. b2. In diverse gemeenten in Nederland wordt plastic met behulp van rolemmers aan huis ingezameld, veelal met een frequentie van 1x per vier weken. Via die inzamelmethode zal tenminste een gelijke hoeveelheid kunststof worden ingezameld als via de ‘zakkenmethode’. Het belangrijkste verschil betreft de inzamelfrequentie en de ‘bewaarvoorziening’. De verwachting is dat met (één van) deze methode per inwoner tenminste 1 kg extra wordt ingezameld. Dit betekent op jaarbasis ruim 26 ton. De Klankbordgroep Duurzaamheid ziet veel in het huis-aan-huis ophalen van deze afvalstroom. Dit kan wellicht in combinatie met het verlagen van de frequentie van het ophalen van restafval. Communicatie / voorlichting Omdat de inzameling van plastic nog relatief nieuw is, is dit voor de inwoners nog niet zo gewoon als het scheiden van glas en papier. Continu aandacht in de vorm van communicatie is dan ook nodig om de scheiding van deze afvalstroom op tenminste een gelijk danwel een hoger niveau te brengen. Hierbij wordt zoveel mogelijk aangesloten bij landelijke voorlichtingscampagnes. 4.1.3 Restafval Huidige situatie Medio 2012 is, als reactie op de afvalbrief van Atsma, door de afvalbranche in Nederland een advies uitgebracht dat moet leiden tot een forse toename van recycling van huishoudelijk afval. Hierbij wordt onder andere een koppeling gemaakt tussen het percentage hoogbouw in de gemeente en de hoeveelheid restafval per huishouden. De gemeente Heemstede bestaat uit ruim 24% ‘meergezinswoningen’. Dat zou volgens het advies een hoeveelheid restafval van 180 kg per persoon impliceren. De cijfers over 2012 laten zien dat die hoeveelheid nu 215 kg per inwoner bedraagt. Nu kan het zijn dat het consumptiepatroon van de Heemsteedse inwoners anders is dan gemiddeld, maar er kan ook geconcludeerd worden dat er dus nog niet genoeg afval wordt gescheiden. Verbetervoorstellen restafval Verlagen van de inzamelfrequentie Restafval in rolemmers wordt nu eens per twee weken opgehaald. Het verlagen hiervan naar bijvoorbeeld eens per drie weken leidt indirect ook tot een verdere scheiding van de deelstromen (verdere scheiding levert immers ‘ruimte’ op in de rolemmer voor het restafval) én tot een verlaging van de aangeboden hoeveelheid restafval. Deze optie kan bijdragen tot het gewenste scheidingspercentage. De (financiële) effecten van deze optie zijn in dit stadium van het proces nog niet volledig aan te geven. Immers, deze maatregel zal effect hebben op de diverse deelstromen. Hiervoor kan mogelijk gebruik worden gemaakt van de Adviestool Afvalscheiding van Meerlanden. Deze adviestool is op dit moment nog niet werkend. Een verlaging van de inzamelfrequentie van het restafval betekent ook een verlaging van het dienstverleningsniveau. Het is waarschijnlijk wenselijker om inwoners de keuze te laten. Dit betekent dus eigenlijk het invoeren van frequentiediftar. Dit wordt kort beschreven in § 4.7.1 Stimuleren gebruik van kleine grijze rolemmer Het omruilen van grote grijze rolemmers kan worden gestimuleerd. Wie het afval goed scheidt, heeft minder restafval en vaak voldoende aan een kleine rolemmer. Wanneer men eenmaal een kleine rolemmer heeft, is hij vanzelf genoodzaakt om het afval goed te scheiden. De gemeente kan het omruilen stimuleren van een grote rolemmer voor een kleine. Dit kan op twee manieren, door middel van een actie (b1) of door het overnemen van alle grijze rolemmers (b2). b1. Actie omruilen rolemmer(s) Begin 2010 is in Heemstede al een dergelijke actie uitgevoerd. Gedurende de actieperiode konden inwoners met € 25 korting de grote rolemmer (240 liter) omruilen voor een kleine rolemmer (140 liter). Omdat de grijze rolemmer eigendom is van de gebruiker moet men normaal gesproken € 49 betalen voor een nieuwe kleine rolemmer. Ondanks deze kosten heeft men er toch direct voordeel van. Immers, de hoogte van de afvalstoffenheffing is afhankelijk van de grootte van de rolemmer. Het verschil in afvalstoffenheffing is € 49,68 per jaar (op basis van het tarief 2013). In totaal hebben 160 inwoners hun rolemmer omgeruild gedurende de actieperiode (normaal zijn er ongeveer 50 wisselingen van groot naar klein per jaar) b2. Overnemen rolemmers door gemeente In de gemeente Heemstede zijn de rolemmers voor het restafval eigendom van de inwoners. Er kan voor worden gekozen om de rolemmers in eigendom over te nemen. Daarbij kan zelfs worden besloten om alleen kleine rolemmers te leveren. Bijkomend voordeel is dat de nieuwe rolemmers kunnen worden voorzien van een registratiechip. Na aanpassing van de inzamelvoertuigen kan via de chip worden nagegaan of de afvalstoffenheffing is betaald. Er hoeven dan dus niet meer jaarlijks de speciale rolemmerstickers te worden verspreid. 4.1.4 Grofvuil en de milieustraat Huidige situatie Tijdens de sorteeranalyses wordt ook grofvuil in het restafval aangetroffen. In enkele gevallen betrof dit vrij aanzienlijke hoeveelheden. Zo was tijdens de analyse van 2012 de stroom ‘bouw- en sloopafval’ in ruime mate in het restafval aanwezig. Daarnaast is de fractie ‘hout’ zowel in 2012 als in 2013 in behoorlijke hoeveelheden aangetroffen. Voor de scheidingsdoelstelling is het belangrijk dat grofvuil naar de milieustraat wordt gebracht. Scheiding van grofvuil op de milieustraat werkt het beste; het aan huis opgehaalde afval verdwijnt in een kraak-/perswagen en wordt niet (bron)gescheiden. Sinds er betaald moet worden voor het laten ophalen van grofvuil is het scheidingspercentage van grofvuil is gestegen van 73% naar 79%. Deze regeling is dus effectief. Sinds de invoering van de 3m³-regeling is de totale hoeveelheid grofvuil sterk gedaald (van 4200 ton naar 2840 ton) De hoeveelheid ongescheiden grofvuil is gedaald van 1100 naar 600 ton De hoeveelheid gescheiden grofvuil en grof tuinafval is gedaald van 3100 naar 2250 ton. In 2012 zijn twee kringloopwinkels geopend in Heemstede. Wellicht hebben deze winkels een positieve invloed en wordt een deel van het grofvuil eerst aangeboden aan de kringloopwinkels in plaats van gestort. Verbetervoorstellen grofvuil Verhoging voorrijdtarief. De bestaande grofvuilregeling voorziet al in een ‘drempel’ bij het laten ophalen van grof huishoudelijk afval (er wordt een voorrijdtarief in rekening gebracht van ruim € 20) waardoor het voor de hand ligt dat inwoners grofvuil naar de milieustraat brengen. Voordeel daarvan is dat op de milieustraat een grotere mate van scheiding in deelstromen plaatsvindt. Een verdere verhoging van het voorrijdtarief zou mogelijk bij kunnen dragen aan het nog meer brengen van grofvuil naar de milieustraat. Een verhoging van het tarief zal dan vooral voor een psychologische drempel (moeten) zorgen. In 2012 is 74 ton grofvuil opgehaald. Mogelijk dat een verhoging van het voorrijdtarief een ‘ophaalreductie’ van 25% laat zien, zowel qua aantal als qua tonnages. Uitgaande van die aanname betekent dit dat een ombuiging van ruim 18 ton ongescheiden grofvuil op jaarbasis. Communicatie / voorlichting Uit de sorteeranalyses en uit ervaring van de inzamelaar blijkt dat (ook gratis) grofvuilstromen, zoals apparaten, kca en grof tuinafval in de restafvalcontainer verdwijnen. Door te blijven communiceren dat deze stromen niet onder de 3 m³ regeling vallen, kan hier mogelijk nog winst behaald worden. Het is lastig hieraan (onderbouwd) hoeveelheden toe te kennen. Communicatie: Bekendheid kringloopwinkels vergroten Hoewel The Vintage Store en de Dorcas Winkel zelf al het nodige aan communicatie doen, kan mogelijk de bekendheid van deze kringloopwinkels nog vergroot worden. Hierdoor kan een deel van het grof huishoudelijk afval mogelijk een tweede leven krijgen. De effecten van kringloopwinkels op het totale scheidingspercentage zijn moeilijk te voorspellen.

Rechtspraak bij dit artikel