Naar hoofdinhoud

Salaris II

Artikel 7

Periodieke verhoging van het salaris

Onderdeel van Bezoldigingverordening Vught 2013

1.. Het salaris van de medewerker wordt, indien zijn functioneren met minimaal een beoordeling "voldoende'' wordt gekwalificeerd, binnen de voor hem geldende salarisschaal periodiek verhoogd tot het naast hogere bedrag. 2.. De periodieke verhogingen worden toegekend aan de medewerker die het maximumsalaris van de voor hem geldende salarisschaal nog niet heeft bereikt, voor de eerste maal met ingang van 1 januari volgend op de datum van de eerste indiensttreding met dien verstande dat de beoordelingsperiode minimaal drie maanden moet bedragen. 3.. Het tijdstip waarop ingevolge het vorige lid voor de eerste maal een periodieke verhoging wordt toegekend, kan worden vervroegd indien daartoe naar het oordeel van burgemeester en wethouders aanleiding bestaat. 4.. Het toekennen van de eerste periodieke verhoging aan ambtenaren, die in de loop van het kalenderjaar zijn aangesteld of bevorderd, kan pas plaats vinden na een beoordelingsperiode van minimaal drie maanden. 5.. In geval van overgang naar een functie, gerangschikt in diezelfde schaal, wordt, voor de vaststelling van het salaris in de nieuwe functie, mede rekening gehouden met de in de verlaten functie verworven hoogte van het salaris. 6.. Bij overgang naar een andere functie wordt het bedrag, waarmee de tot dusver genoten bezoldiging die in de nieuwe functie te genieten bezoldiging te boven mocht gaan, als een toelage toegekend. Latere verhogingen van de bezoldiging, komen in mindering op het bedrag van de in dit lid bedoelde toelage. 7.. In geval van bevordering wordt de hoogte van het salaris, zodanig vastgesteld, dat het salaris in de nieuwe schaal te allen tijde uitgaat boven het salaris, dat de medewerker in de verlaten schaal zou hebben genoten.

Rechtspraak bij dit artikel