Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk VIII.1

Artikel 3a

Voorwaarden kleinschalige nevenactiviteit

Onderdeel van Verordening kleinschalige nevenactiviteiten

Een kleinschalige nevenactiviteit als genoemd in artikel 4 van deze verordening kan slechts worden gelijkgesteld met een gevoelig object, behorende tot dezelfde categorie als een bij de veehouderij behorende woning, als is voldaan aan de volgende voorwaarden: De aanvrager van de nevenactiviteit dient te beschikken over een agrarisch bedrijf met een positieve agrarische bestemming; de aanvrager van de nevenactiviteit dient te beschikken over een geldige milieuvergunning of het bedrijf dient te vallen onder het Besluit melkrundveehouderijen milieubeheer, het Besluit akkerbouwbedrijven milieubeheer of het Besluit glastuinbouwbedrijven milieubeheer; de nevenactiviteit moet plaatsvinden op het bedrijf (bouwblok en/of gebouwen) of direct aangesloten aan het bedrijf; de nevenactiviteit moet naar aard en schaal passen in het buitengebied; de nevenactiviteit dient te vallen onder categorie 1 of 2, en onder voorwaarden onder categorie 3 van de SBI-codes zoals opgenomen in de Standaard bedrijfsindeling 1993 editie 2002 van de VNG.

Rechtspraak bij dit artikel