Tekst artikel 20 ASV
Een instelling die in structurele zin subsidie ontvangt kan, wanneer het college daarvoor voorafgaande schriftelijke toestemming heeft verleend, onder voorwaarden een egalisatiereserve vormen die (mede) is opgebouwd uit gemeentelijke subsidiegelden. Het college geeft bij de schriftelijke toestemming bedoeld in de vorige volzin ook aan welke vermogensbestanddelen tot de egalisatiereserve gerekend worden.
Het vormen dan wel het voeden van een egalisatiereserve met gemeentelijke subsidiegelden, is uitsluitend mogelijk wanneer er bij de structureel gesubsidieerde instelling sprake is van een positief jaarresultaat. Dit voor zover dat niet wordt veroorzaakt door het niet, of slechts gedeeltelijk uitvoeren van activiteiten waarvoor de subsidie is verleend.
De maximale hoogte van de egalisatiereserve bedraagt:
Bij instellingen die waarderingssubsidie ontvangen maximaal 10% van de structurele subsidiegelden die de instelling in het betreffende boekjaar van de gemeente heeft ontvangen, vermeerderd met dat deel van de egalisatiereserve dat gevormd is door andere inkomsten.
Bij instellingen die een budgetsubsidie ontvangen een door het college vast te stellen percentage. Dit percentage is mede gerelateerd aan de hoogte van andere inkomsten dan subsidie, doch bedraagt nooit meer dan 50% van de structurele subsidiegelden.
Indien op enig moment een instelling een egalisatiereserve heeft die hoger is dan de onder lid 3 onder a of b genoemde percentages, leidt dit tot terugvordering van het meerdere, eventueel verrekend met dat deel van de egalisatiereserve dat gevormd is door andere inkomsten.
De beleidsregels geven aan:
welk vermogensbestanddeel door het college tot de egalisatiereserve wordt gerekend;
de criteria om toestemming van het college te verkrijgen om een egalisatiereserve te vormen mede uit subsidiegelden;
de berekeningswijze van de maximale hoogte van de egalisatiereserve bij budgetsubsidies;
de voorwaarden die aan de toestemming tot het vormen van een egalisatiereserve worden gesteld.
Beleidsregels bij artikel 20 ASV
Vermogensbestanddelen met een algemeen karakter worden gerekend tot egalisatiereserve. Dit met in acht neming van de bepalingen van dit artikel.
Criteria voor verkrijging van toestemming:
de egalisatiereserve moet aantoonbaar noodzakelijk zijn;
de instelling levert exploitatierekeningen in van afgelopen drie jaar bij het verzoek om toestemming.
De maximale hoogte van de egalisatiereserve bedraagt bij budgetsubsidies in beginsel 10% van de exploitatieomvang van de instelling. Bij de berekening van de maximale hoogte van de egalisatiereserve wordt rekening gehouden met de verhouding tussen gemeentelijke subsidie en andere inkomsten van de instelling.
De onttrekkingen en toevoegingen aan de egalisatiereserve dienen op overzichtelijke wijze te worden verantwoord in de jaarrekening.
Hoofdstuk
Artikel 4
Egalisatiereserve
Onderdeel van Beleidsregels reserves en voorzieningen Algemene Subsidieverordening gemeente Bunnik