van een weg
Het is verboden zonder of in afwijking van een vergunning
een weg aan te leggen, de verharding daarvan op te breken,
in een weg te graven of te spitten, aard of breedte van de
wegverharding te veranderen of anderszins verandering te
brengen in de wijze van aanleg van een weg.
De vergunning wordt verleend:
als omgevingsvergunning door het bevoegd gezag,
indien de activiteiten zijn
verboden bij een bestemmingsplan,
beheersverordening, exploitatieplan of
voorbereidingsbesluit;
door het college in de overige gevallen.
Het verbod in het eerste lid is niet van toepassing indien
in opdracht van een bestuursorgaan of openbaar lichaam
publieke taken worden verricht.
Het verbod is voorts niet van toepassing op situaties waarin
wordt voorzien door het Wetboek van Strafrecht, de Wet
beheer rijkswaterstaatswerken, de provinciale
wegenverordening, de Waterschapskeur, de Telecommunicatiewet
of de daarop gebaseerde Telecommunicatieverordening.
Op de ontheffing bedoeld in het derde lid is paragraaf
4.1.3.3, Awb (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig
beslissen) niet van toepassing.
HOOFDSTUK 2. › AFDELING 5.
Artikel 2:11
(Omgevings)vergunning voor het aanleggen, beschadigen en veranderen
Onderdeel van Algemene Plaatselijke Verordening gemeente Stein 2014