De toewijzing van ondersteuning binnen de wet vindt niet eerder plaats dan nadat onderzoek is gedaan naar aanleiding van de aanvraag maatwerkvoorziening BW. De gemeenten in Zeeland hebben de uitvoering van dit onderzoek gemandateerd aan de Centrumgemeente Vlissingen als houder van het budget voor BW. De centrumgemeente heeft de gecontracteerde aanbieders op zijn beurt gemandateerd om namens het college:
het onderzoek betreffende toegang BW uit te voeren;
de zorgtoewijzing te toetsen en waar nodig een besluit (toelatingsbeschikking) af te geven op grond waarvan een Cliënt gebruik kan maken van een maatwerkvoorziening BW.
Dit besluit geldt onafhankelijk van de vraag in welke instelling de cliënt wil wonen c.q. van welke verzilveringsvorm hij gebruik wil maken.
De dienstverlener, hiertoe gemandateerd door de Centrumgemeente Vlissingen, voert het onderzoek uit aan de hand van de criteria in de door dienstverleners vastgestelde ‘beslisboom’ Zeeland. Het onderzoek wordt door de dienstverlener uitgevoerd binnen 6 weken na ontvangst van de Aanvraag en leidt binnen deze termijn tot een Besluit (beschikking).
Indien de dienstverlener, hiertoe gemachtigd door de Centrumgemeente, in het onderzoek vaststelt dat voor de cliënt een maatwerkvoorziening BW is aangewezen, wordt aan de cliënt de mogelijkheid uitgelegd om te kiezen tussen ondersteuning in natura of een persoonsgebonden budget. De cliënt dan wel diens vertegenwoordiger wordt in begrijpelijke bewoordingen ingelicht over de gevolgen van die keuze. In beide gevallen geldt het voorbehoud dat een plaats beschikbaar is. Indien niet, zie artikel 34.
Het besluit is maximaal drie jaar geldig, waarna herbeoordeling volgt. Indien na deze periode van drie jaar wordt vastgesteld dat de Maatwerkvoorziening dient te worden gewijzigd of een beroep op de Maatwerkvoorziening niet langer gerechtigd is, wordt dit in een Besluit aan de Cliënt meegedeeld.
Het nieuwe besluit wordt ten laatste afgegeven twee maanden voor de einddatum van het oorspronkelijke besluit.
Tegen het afgegeven besluit kan de cliënt bezwaar maken. In het besluit wordt vermeld op welke wijze dit kan geschieden.
Hoofdstuk 2
Artikel 33.
Zorgtoewijzing, Besluit en geldigheidsduur
Onderdeel van Verordening maatschappelijke ondersteuning 2015