Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk

Artikel 4

Werken met behoud van de inkomensvoorziening

Onderdeel van Uitvoeringsbesluit verordening werkleeraanbod Wet Investeren in Jongeren

1.. Onder werken met behoud van uitkering wordt in dit uitvoeringsbesluit verstaan: de jongere met behoud van de inkomensvoorziening, werkritme op te laten doen en/of te behouden, vaardigheden op te laten doen in een bepaald vakgebied en/of te laten wennen aan aspecten die samenhangen met het verrichten van algemeen geaccepteerde arbeid. 2.. Aan het werken met behoud van de inkomensvoorziening zijn de volgende voorwaarden verbonden: er wordt aan de jongere geen loon in dienstbetrekking betaald;b. werken met behoud van de inkomensvoorziening kan alleen plaatsvinden als de concurrentieverhoudingen niet onverantwoord worden beïnvloed en er geen verdringing plaatsvindt;c. in het diagnoseplan vastgelegd is wat het doel van het werken met behoud van uitkering is. 3.. Werken met behoud van de inkomensvoorziening kan ingezet worden in het kader van een arbeidsmarktgericht traject, zoals bedoeld in artikel 5; voortraject professionele zelfredzaamheid, zoals bedoeld in artikel 6; duaal traject voor inburgeraars, zoals bedoeld in artikel 7; beroepsgerichte scholing, zoals bedoeld in artikel 8; maatschappelijke participatie, zoals bedoeld in artikel 9; traject wachtlijst WSW-geïndiceerd, zoals bedoeld in artikel 1 4.. De duur van werken met behoud van inkomensvoorziening is maximaal 6 maanden. 5.. De in lid 4 genoemde periode kan eenmaal met maximaal 6 maanden worden verlengd. 6.. Indien er sprake is van een situatie als bedoeld in lid 3 onder f bedraagt de duur van het werken met behoud van inkomensvoorziening maximaal de wachttijd voor plaatsing WSW.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel