De medewerker kan binnen twee weken na de datum van het evaluatiegesprek dan wel na de datum waarop hij kennis heeft kunnen nemen van de personeelsbeoordeling zijn schriftelijke bedenkingen hierover kenbaar maken aan de algemeen directeur.
De algemeen directeur nodigt binnen twee weken na ontvangst van de schriftelijke bedenkingen de medewerker, de beoordelaar en de P&O-adviseur uit voor een gesprek. De medewerker kan zich in dit gesprek laten bijstaan door een raadsman.
Van het gesprek wordt een verslag gemaakt door de P&O-adviseur. Dit verslag wordt binnen twee weken aan de beoordelaar en medewerker uitgereikt.
Indien de algemeen directeur na het gesprek van mening is dat de personeelsbeoordeling niet overeenkomstig de bepalingen van dit reglement tot stand is gekomen, dan wel indien hij twijfelt aan de inhoudelijke juistheid van de personeelsbeoordeling vraagt hij de beoordelaar een nieuwe personeelsbeoordeling te maken en binnen twee weken na het gesprek over de schriftelijke bedenkingen een nieuw evaluatiegesprek te plannen en de personeelsbeoordeling daarin te bespreken.
Artikel 16 is verder van overeenkomstige toepassing op het nieuw te voeren evaluatiegesprek, met dien verstande, dat de medewerker bij resterende bedenkingen tegen de nieuwe personeelsbeoordeling binnen zes weken na de datum van het nieuwe evaluatiegesprek c.q. na de datum waarop hij kennis heeft kunnen nemen van de nieuwe personeelsbeoordeling een bezwaarschrift kan indienen bij het college op grond van de Algemene wet bestuursrecht.
Artikel 17.
Bedenkingen kenbaar maken
Onderdeel van Regeling jaargesprekken en personeelsbeoordeling