In deze afdeling wordt verstaan onder:
openbare inrichting: de voor het publiek toegankelijke,
besloten ruimte waarin bedrijfsmatig of in een omvang alsof
zij bedrijfsmatig was logies wordt verstrekt of dranken
worden geschonken of rookwaren of spijzen voor directe
consumptie worden verstrekt of bereid. Onder een openbare
inrichting wordt in ieder geval verstaan: een hotel,
restaurant, pension, café, cafetaria, snackbar, discotheek,
buurthuis of clubhuis. Onder openbare inrichting wordt
tevens verstaan een bij deze inrichting behorend terras en
andere aanhorigheden;
terras: een buiten de besloten ruimte van de openbare
inrichting liggend deel daarvan waar sta- of zitgelegenheid
kan worden geboden en waar tegen vergoeding dranken kunnen
worden geschonken of spijzen voor directe consumptie kunnen
worden bereid of verstrekt.
Paracommerciële inrichting: een inrichting waarin een
paracommerciële rechtspersoon in eigen beheer het
horecabedrijf exploiteert.
Paracommerciële rechtspersoon: rechtspersoon zoals
omschreven in artikel 1 van de Drank- en Horecawet.
Bijeenkomst van persoonlijke aard: bijeenkomst met een
veelal feestelijk of ceremonieel karakter, die geen direct
verband houdt met de doelstelling en de daaruit
voortvloeiende activiteiten van de paracommerciële
rechtspersoon, zoals bruiloften, (bedrijfs)feesten,
partijen, recepties, lezingen of verjaardagen.
Hoofdstuk 2. › Afdeling 8.
Artikel 2:27
Begripsbepalingen
Onderdeel van Algemene Plaatselijke Verordening Utrechtse Heuvelrug 2013 geconsolideerd