De verlaging, bij gedragingen als bedoeld in de artikelen 8 en 9, wordt vastgesteld op:
15 % van de bijstandsnorm gedurende één maand bij gedragingen van de eerste categorie;
50 % van de bijstandsnorm gedurende één maand bij gedragingen van de tweede categorie;
100 % van de bijstandsnorm gedurende één maand bij gedragingen van de derde categorie;
100 % van de bijstandsnorm gedurende twee maanden bij gedragingen van de vierde categorie.
Hoofdstuk 2.
Artikel 10.
Hoogte en duur van de verlaging
Onderdeel van Afstemmingsverordening Participatiewet, IOAW en IOAZ ISD Bollenstreek 2015