Een aanvraag voor het aanleggen van een gehandicaptenparkeerplaats wordt in ieder geval geweigerd indien:
de aanvrager op eigen terrein kan parkeren, rekening houdend met beperkingen in de bewegingsvrijheid van aanvrager en de aanpassingsmogelijkheden op eigen terrein;
binnen de overbrugbare loopafstand van aanvrager rondom de woning van aanvrager geen mogelijkheid is om een individuele parkeerplaats conform de landelijk geldende normen aan te leggen, mede rekening houdend met de veiligheid en doorstroming van het verkeer en een onaanvaardbare aantasting van de algemene bereikbaarheid van de omgeving.
HOOFDSTUK 4
Artikel 4.4
Weigeringsgronden gehandicaptenparkeerplaats
Onderdeel van Reglement ontheffingen en vergunningen motorvoertuigen