1.. Indien een belanghebbende al vrijwilligerswerk verricht dat voldoet aan de eisen zoals gesteld in deze verordening en het beleidsplan wordt dat vrijwilligerswerk door het college als tegenprestatie aangemerkt.

2.. Indien de organisatie waar een belanghebbende vrijwilligerswerk verricht daarvoor aan hem een onkostenvergoeding verstrekt, wordt die onkostenvergoeding niet tot de middelen van belanghebbende gerekend overeenkomstig het bepaalde in artikel 31 lid 2 onder k Participatiewet.