Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3

Artikel Eigendomsverhoudingen

Artikel Eigendomsverhoudingen

Onderdeel van Beleidsnota Gemeenschapshuizen

Van de vijf gemeenschapshuizen die in de gemeente in stand gehouden worden zijn er twee eigendom van de beherende stichting (Den Tref in Hapert en Zaal Hooijen in Netersel) en drie zijn er eigendom van de gemeente (Den Herd in Bladel, d'n Aord in Casteren en d'n Anloôp in Hoogeloon). Voor alle vijf de gemeenschapshuizen geldt, dat de gemeente behoorlijk geïnvesteerd heeft in de accommodaties, ongeacht de eigendomssituatie. D'n Aord in Casteren is om niet in gebruik gegeven aan de Stichting Gemeenschapshuis Casteren. Deze lastenvrije beschikbaarstelling vindt volgens de voorzitter van de Stichting Gemeenschapshuis Casteren zijn oorsprong in de voorwaarden die in 1977 door het R.K. Kerkbestuur van Casteren gesteld zijn bij de verkoop van het voormalige parochiehuis van Casteren aan de gemeente Hoogeloon c.a. Uit de akte van transport blijkt die voorwaarde echter niet, noch uit andere archiefstukken die betrekking hebben op de eigendomsoverdracht van het voormalige parochiehuis. De voorzitter van de Stichting Gemeenschapshuis Casteren heeft in de archieven van het Kerkbestuur gezocht naar bewijzen voor zijn stelling, maar heeft die niet kunnen vinden. Leden van het Kerkbestuur van destijds spreken thans uit dat die voorwaarde in de besprekingen over de overdracht wel regelmatig aan de orde is gesteld, omdat men er van overtuigd was dat de gemeenschap Casteren de huur niet zou kunnen opbrengen. Tot nu slaagt echter niemand er in, om de bewijzen van die stelling op tafel te krijgen. Zo lang dat niet het geval is, kan de stelling bij de beleidsvorming niet als vaststaand worden gehanteerd. D'n Anloôp in Hoogeloon is om niet in gebruik gegeven aan de Stichting Gemeenschapsruimte Hoogeloon. Voor deze vorm van beschikbaarstelling is bij de totstandkoming van d'n Anloôp gekozen, omdat die vorm in Casteren al gehanteerd werd. Den Herd in Bladel wordt formeel door de gemeente verhuurd aan de Stichting Den Herd. Feitelijk wordt het gebouw echter lastenvrij aan de stichting beschikbaar gesteld, omdat tegenover de bedongen huursom een even groot bedrag aan subsidie wordt verleend. In de praktijk is er zelfs sprake van een puur administratieve relatie tussen eigenaar en huurder. De Stichting Den Herd betaalt niet feitelijk de huurpenningen en de gemeente betaalt niet feitelijk het aan de huurpenningen gerelateerde subsidiebedrag. In de gemeentelijke administratie worden de overeengekomen huurpenningen als inkomsten geboekt en er wordt een overeenkomstig bedrag als subsidie-uitgaven geboekt, zonder dat er ook maar een cent van hand verwisselt. Het gedeelte van Den Herd dat in gebruik is bij de Stichting Maatschappelijk Werk Dommelregio, vormt hierop een uitzondering. Voor dat deel van het gebouw betaalt Den Herd wel feitelijk huur aan de gemeente. Die kosten worden echter (meer dan) volledig gedekt door de huur die MW Dommelregio aan Den Herd betaalt. Den Tref in Hapert is eigendom van de Stichting Gemeenschapshuis Hapert. Oorspronkelijk is het gebouw voor een deel met behulp van hypothecaire geldleningen gefinancierd. In de jaren tachtig, dreigden financiële problemen het stichtingsbestuur boven het hoofd te groeien. De gemeente heeft toen een sanering doorgevoerd, waardoor het gemeenschapshuis feitelijk lastenvrij gemaakt is. Dorpshuis Zaal Hooijen is eigendom van de Stichting Netersels Belang. De aankoop is gefinancierd met een hypothecaire geldlening. De gemeente heeft zich garant gesteld tegenover de geldgever voor gerede betaling van rente en aflossing van die lening. Van de vijf gemeenschapshuizen in de gemeente Bladel is de Stichting Netersels Belang de enige beherende instelling die in de praktijk te maken heeft met de zorg voor de betaling van de financieringslasten van de accommodatie. Die zorg wordt echter verlicht doordat de gemeente zowel formeel (garant) als materieel (subsidie) optreedt als achterwacht. Hoewel de Stichting Netersels Belang uiteraard de eerst verantwoordelijke blijft voor de aangegane verplichtingen, leiden de gemeentegarantie en de subsidierelatie tot het effect dat ook in dit geval eigenlijk sprake is van een lastenvrije beschikbaarheid van de accommodatie. Uit het bovenstaande blijkt, dat er weliswaar een sterk gedifferentieerd beeld bestaat van de wijze waarop de relatie tussen de gemeente en de beherende instellingen geregeld is, maar dat feitelijk in alle vijf de kernen het  gemeenschapshuis lastenvrij ter beschikking staat van de gemeenschap. Van disharmonie is dus alleen sprake als we het over de verschijningsvorm hebben. Een volledige harmonisatie van de verschijningsvorm is alleen bereikbaar als besloten wordt tot privatisering van de gebouwen die eigendom zijn van de gemeente, of door de eigendomsverwerving van de gebouwen die nu eigendom zijn van privaatrechtelijke stichtingen. Het belang van de daarmee bereikbare eenvormigheid staat echter in geen verhouding tot de kosten die daarvoor gemaakt zouden moeten worden. STELLING / BESLISPUNT: Het is niet zinvol om in het kader van de harmonisatie van het beleid voor de gemeenschapshuizen, wijzigingen aan te brengen in de eigendomsverhoudingen.

Rechtspraak bij dit artikel