**1..** Het is verboden zonder vergunning van het bevoegd gezag houtopstand te
vellen of te doen vellen.
**2..** Het verbod geldt niet voor:
wegbeplantingen en eenrijige beplantingen op of langs
landbouw gronden, beide voorzover bestaande uit
niet-geknotte populieren of wilgen;
vruchtbomen en windschermen om boomgaarden;
fijnsparren, niet ouder dan 12 jaar, bestemd om te
dienen als kerstbomen en geteeld op daarvoor in het
bijzonder bestemde terreinen;
kweekgoed;
houtopstand die bij wijze van dunning moet worden
geveld, mits tenminste een week voordat de dunning
plaatsvindt kennis wordt gegeven aan het bevoegd
gezag;
houtopstand die deel uitmaakt van als zodanig bij het
Bosschap geregistreerde bosbouwondernemingen en gelegen
is buiten een bebouwde kom, tenzij de houtopstand een
zelfstandige eenheid vormt die:
ofwel geen grotere oppervlakte beslaat dan 10
are;
- ofwel bestaat uit rijbeplanting van niet meer
dan 20 bomen, gerekend over het totale aantal
rijen;
houtopstand die moet worden geveld krachtens de
Plantenziektewet of krachtens een aanschrijving of last
van het bevoegd gezag, zulks onverminderd het bepaalde
in artikel 8;
vervallen
houtopstand in tuinen of erven behorende bij woningen,
van welke tuinen of erven het oppervlak niet groter is
dan 250 m² en welke houtopstand niet zichtbaar is vanaf
de openbare weg en niet voorkomt op de door het bevoegd
gezag opgestelde lijst van waardevolle tuin- of
erfbomen.
houtopstand in tuinen of erven behorende bij woningen
waarvan het oppervlak groter is dan 250 m2 en welke
houtopstand niet zichtbaar is vanaf de openbare weg,
mits van het voornemen tot het vellen van de houtopstand
tenminste een week voordat het vellen plaatsvindt kennis
wordt gegeven aan het bevoegd gezag;
houtopstanden op campingterreinen, voorzover deze geen
deel uitmaken van een het campingterrein afschermende
groenstrook dan wel, bij het ontbreken daarvan,
voorzover deze niet zijn gelegen binnen 10 meter afstand
tot de perceelsgrens van het terrein;
houtopstanden betreffende het afzetten van hakhout
tussen 1 november en 15 april mits:
van het voornemen om het hakhout af te zetten tenminste een week
voordat het afzetten plaatsvindt kennis wordt gegeven aan het
bevoegd gezag;
geen hout op het hakhoutperceel wordt verbrand;
het hakhoutperceel zodanig wordt afgerasterd of afgerasterd
wordt gehouden dat beschadiging door weidend vee is
uitgesloten.