1.Uitgaven worden uitsluitend vergoed als de hoogte en de functionaliteit ervan kunnen
worden aangetoond, zulks ter beoordeling van de griffier wanneer het een (schaduw-) raadslid betreft,
respectievelijk de gemeentesecretaris wanneer het een collegelid betreft.
2.Ter bepaling van de functionaliteit van bestuurlijke uitgaven worden de volgende criteria
gehanteerd:
Met de uitgave is het belang van de gemeente gediend;
De uitgave vloeit voort uit de functie.