Een klacht wordt namens het bestuursorgaan behandeld door:
een directeur, indien het een gedraging van een medewerker van zijn sector betreft;
de secretaris, indien het een gedraging van een directeur betreft;
de burgemeester, indien het een gedraging van de secretaris betreft;
de raadsgriffier, indien het een gedraging van een griffiemedewerker betreft;
de burgemeester, indien het een gedraging van de raadsgriffier betreft;
de burgemeester, indien het een gedraging van de raad, een commissie of van burgemeester en wethouders betreft;
de loco-burgemeester indien het een gedraging van de burgemeester betreft.