**1..** Als een belanghebbende zich zeer ernstig misdraagt tegenover personen en instanties die zijn belast met de uitvoering van de Participatiewet als bedoeld in artikel 9, zesde lid, van die wet, wordt een verlaging opgelegd van:
20% van de bijstandsnorm gedurende een maand, bij verbale uitingen of gedragingen zoals schelden of bedreigen in het algemeen;
30% van de bijstandsnorm gedurende een maand, bij schade aan eigendommen of goederen in gebruik van het dagelijks bestuur;
50% van de bijstandsnorm gedurende een maand, bij verbale gedragingen (zoals schelden, beledigen) tegen de persoon;
100% van de bijstandsnorm gedurende een maand, bij bedreiging gericht tegen de het eerste lid genoemde personen;
100% van de bijstandsnorm gedurende een maand, bij fysiek geweld, al dan niet met letsel tot gevolg, tegen medewerkers van Werk & Inkomen Lekstroom:
**2..** Het dagelijks bestuur houdt rekening met de ernst van het wangedrag, de mate van verwijtbaarheid en de persoonlijke omstandigheden van de belanghebbende.
**3..** Naast de maatregel kan door of namens het dagelijks bestuur aangifte worden gedaan bij de politie en/of kan de toegang tot het gebouw van Werk en Inkomen Lekstroom worden ontzegd. De duur van de ontzegging is gekoppeld aan de ernst van het wangedrag. (Bij een strafbaar feit moet, op grond vna het Wetboek van strafvordering artikel 162, er verplicht aangifte worden gedaan)
**4..** Indien de belanghebbende zich opnieuw zeer ernstig misdraagt, gelden de bepalingen van artikel 15. Hierbij geldt echter geen verjaringstermijn.
**5..** De bepalingen van lid 1 zijn ook toepassing in geval van uitingen of gedragingen richting medewerkers door wie het dagelijks bestuur werkzaamheden laat verrichten, zoals bedoeld in artikel 7 lid 4 Participatiewet.
Hoofdstuk 4.
Artikel 12.
Zeer ernstige misdragingen
Onderdeel van Afstemmingsverordening Participatiewet Werk en Inkomen Lekstroom 2015