Het eerste lid bepaalt waar het te bereiken resultaat waar het zich kunnen verplaatsen op gericht is. Met het zich kunnen verplaatsen in de leefomgeving wordt de cliënt (ook) in de gelegenheid gesteld sociale contacten te onderhouden. Het uitgangspunt qua omvang is bepaald op 1500 met een bandbreedte tot 2000 kilometer per jaar. Hiermee wordt de lijn zoals die gold onder de Wmo 2007 geborgd. Dit betekent echter niet dat er in het individuele geval niet meer of minder mogelijk zou kunnen zijn. Het college is immers gehouden maatwerk te leveren en is daarom bevoegd in individuele gevallen om af te wijken naar beneden of naar boven. In ieder geval kan het college minder zones toekennen indien de cliënt weliswaar is aangewezen op collectief vervoer tegen gereduceerd tarief, maar niet voor het totaal aantal genoemde kilometers op jaarbasis. Dat zou bijvoorbeeld (ook) het geval kunnen zijn indien er meer dan één vervoersvoorziening wordt toegekend.