Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 3:

Artikel 3:1

– Terugvordering

Onderdeel van Beleidsregels Krediethypotheek

1.. Het college zal inzake terugvordering en aflossing van de lening krediethypotheek en betalingvan de rente, alsmede inzake uitstel van aflossing, steeds de betreffende hypotheekakte en/of daarbij behorende Algemene voorwaarden raadplegen, omdat de akten afwijkend vaninhoud en opzet kunnen zijn. 2.. De (restant) krediethypotheek wordt op grond van de in de hypotheekakte vermelde artikelenen/of daarbij behorende Algemene bepalingen, ineens opeisbaar indien: de bijstandsverlening is beëindigd (raadpleeg hypotheekakte); de woning wordt verkocht; de woning overgaat door vererving of vervreemding; niet wordt voldaan aan verplichtingen; de bewoning is beëindigd; sprake is van echtscheiding, faillissement, surséance van betaling, beslag op vermogen ofverbeurd verklaring, ontbinding of liquidatie of een terugvordering anderszins van toepassing is m.b.t. eigenbedrijf waarvoor lening o.g.v. het Bbz 2004 is verleend onder verband vankrediethypotheek(artikel 43 Bbz 2004); 3.. Terugvordering op grond van artikel 58 lid 2 sub b Participatiewet vindt plaats indien geen ofonvoldoende medewerking door belanghebbende wordt verleend aan de vestiging van eenhypotheek of indien niet wordt voldaan aan de aflossingsverplichting of overige aan deleenbijstand verbonden verplichtingen 4.. Vanaf moment van terugvordering of wanneer een terugbetalingsverplichting geldt, is renteverschuldigd op basis van het percentage als in de hypotheekakte is overeengekomen.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel