Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 3:

Artikel 3:2

– Aflossing

Onderdeel van Beleidsregels Krediethypotheek

1.. Aflossing van de geldlening vindt plaats gedurende ten hoogste 10 jaar, mits in deze periodeis voldaan aan de aflossingsverplichting. 2.. De aflossing vangt aan op het moment van beëindiging van de bijstandsverlening en vindtmaandelijks plaats. 3.. Het maandbedrag van de aflossing wordt telkens voor een periode van 1 jaar vastgesteld. 4.. Indien de omstandigheden daartoe aanleiding geven stelt het college zo nodig tussentijds, hetmaandbedrag van de aflossing op een lager dan wel hoger bedrag vast. 5.. Indien gedurende de periode van aflossing verwijtbaar geen betalingen worden verricht, wordtde lening teruggevorderd en de eventuele aflossingstermijn verlengd met de periode van dewanbetaling. 6.. Wanneer uitstel van betaling is verleend wegens het ontbreken van draagkracht, wordt deperiode van aflossing niet verlengd.

Rechtspraak bij dit artikel