Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2

Artikel 2.6

– Uitvoering, ingangsdatum en tijdvak maatregel

Onderdeel van Verordening Maatregelen en Boetes IOAW en IOAZ 2015

1.. Het besluit tot het opleggen van de maatregel wordt uitgevoerd met ingang van de eerstvolgende kalendermaand, volgend op de datum waarop het besluit tot het opleggen van de maatregel aan de belanghebbende is bekendgemaakt. Daarbij wordt uitgegaan van de voor die maand geldende uitkeringsnorm. 2.. De maatregel wordt voor een bepaalde tijd opgelegd, met uitzondering van de gedraging zoals bedoeld in artikel 3.1, tweede categorie, onderdeel j., van deze verordening; deze wordt voor onbepaalde tijd opgelegd. 3.. In afwijking van het eerste lid kan de maatregel met terugwerkende kracht worden opgelegd, voor zover de uitkering (inclusief de aanspraak op vakantiegeld) nog niet is uitbetaald. 4.. Indien een besluit tot het opleggen van een maatregel niet kan worden uitgevoerd omdat de uitkering is beëindigd of ingetrokken, wordt het besluit alsnog uitgevoerd indien de belanghebbende binnen twaalf maanden na de dagtekening van de beschikking, waarin het besluit tot beëindiging of intrekking van de uitkering is bekendgemaakt, wederom een beroep doet op bijstand voor de algemeen noodzakelijke kosten van bestaan.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel