Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 2 › Paragraaf 2

Artikel 20

Handhaving orde; schorsing

Onderdeel van Verordening op de raadscommissies Capelle aan den IJssel 2014

Een spreker wordt in zijn betoog niet gestoord, tenzij: de voorzitter het nodig oordeelt hem aan het opvolgen van deze verordening teherinneren; een deelnemend (burger)raadslid hem interrumpeert. De voorzitter kan bepalen dat despreker zonder verdere interrupties zijn betoog zal afronden. Indien een spreker zich in beledigende of onbetamelijke uitdrukkingen uitlaat, afwijkt van het inbehandeling zijnde onderwerp, een andere spreker herhaaldelijk interrumpeert, dan welanderszins de orde verstoort, wordt hij door de voorzitter tot de orde geroepen. Indien debetreffende spreker, hieraan geen gevolg geeft, kan de voorzitter hem gedurende devergadering waarin zulks plaats heeft over het aanhangige onderwerp het woord ontzeggen. De voorzitter kan ter handhaving van de orde de vergadering voor een door hem te bepalen tijd schorsen en - indien na de heropening de orde opnieuw wordt verstoord - de vergaderingsluiten. De voorzitter kan voorstellen een aan de vergadering deelnemende (burger)raadslid dat doorzijn gedragingen de geregelde gang van zaken belemmert, het verdere verblijf in devergadering te ontzeggen. Over het voorstel wordt niet beraadslaagd. Na aanneming daarvan verlaat het (burger)raadslidde vergadering onmiddellijk. Zo nodig doet de voorzitter hem verwijderen. Bij herhaling van zijngedrag kan het (burger)raadslid bovendien voor ten hoogste drie maanden de toegang tot devergadering worden ontzegd.

Rechtspraak bij dit artikel