Rekening houdend met artikel 10 lid 4 sub a van de Verordening
maatschappelijke ondersteuning 2015 kan het college een
persoonsgebonden budget in de kosten van tijdelijke huisvesting
verlenen aan een persoon. Het betreffen kosten die moeten worden
gemaakt in verband met het aanpassen van de huidige woonruimte
of de nog te betrekken woonruimte. De kosten hebben alleen
betrekking op de periode dat de woonruimte ten gevolge van het
verrichten van de woningaanpassing niet bewoond kan worden, en
de persoon als gevolg daarvan voor dubbele woonlasten komt te
staan. Dit persoonsgebonden budget wordt alleen verleend als de
persoon redelijkerwijs niet had kunnen voorkomen dat hij deze
dubbele woonlasten zou hebben.
De hoogte van het persoonsgebonden budget overstijgt nooit de
hoogte van de goedkoopst adequate voorziening en bedraagt:
a) de werkelijke kosten met een maximum van € 454,00 per maand voor het
tijdelijk betrekken van zelfstandige woonruimte en het langer moeten
aanhouden van de te verlaten woonruimte.
b) de werkelijke kosten met een maximum van € 350,00 per maand voor het
tijdelijk betrekken van een niet-zelfstandige woonruimte.
Hoofdstuk 2
Artikel 13
Hoogte van persoonsgebonden budget voor tijdelijke huisvesting
Onderdeel van Besluit maatschappelijke ondersteuning gemeente Voerendaal 2015