Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk II

Artikel 2

Arbeidsduur

Onderdeel van Regeling Arbeidsduur en Vakantieverlof (2015)

1.. Een volledige (of voltijd) betrekking bedraagt (zie artikel 1:1, lid 1, sub k van de CAR) formeel 36 arbeidsduur per week en in Westland ten hoogste 1822 uur per jaar (CAR/UWO 1836 uur). Een deeltijdbetrekking is een hiervan verhoudingsgewijs afgeleide betrekking voor minder arbeidsuur. 2.. Met toepassing van artikel 4:1 CAR kan de feitelijke arbeidsduur per week (voltijd- en deeltijdbetrekking) worden vastgesteld op een andere omvang dan de formele arbeidsduur. De maximale arbeidsduur per jaar ad. 1822 uur (voltijd), per week ad. 50 uur en per dag ad. 11 uur mag daarbij niet worden overschreden (situaties bij toepassing van artikel 2:7a en 6:2, lid 2 uitgezonderd). 3.. Inroostering (of wijziging) van de werktijd vindt, in overleg met de desbetreffende ambtenaar, in principe éénmaal per jaar plaats (hetzij bij aanstelling dan wel per 1 januari van een nieuw kalenderjaar). Tussentijdse roosteraanpassingen zijn mogelijk indien de ambtenaar en zijn leidinggevende daarmee instemmen. Roosterwijzigingen worden vastgelegd via het formulier ‘Weekrooster’ 4.. Een adequate bezetting op de afdeling is voorwaarde voor de wijze van inroostering.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel