Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2.

Artikel 4.

Taken en bevoegdheden Adviesraad Samenlevingszaken

Onderdeel van Verordening Adviesraad Samenlevingszaken gemeente Maassluis 2011

1.. De taak van de Adviesraad Samenlevingszaken bestaat uit het gevraagd of ongevraagd geven van adviezen aan het college over de uitvoering en het gemeentelijk beleid op het gebied van samenlevingszaken. 2.. Tot de in het eerste lid genoemde beleidsterrein behoren niet primair de thema’s ‘leefbaarheid’ en ‘veiligheid’. 3.. De adviesraad heeft de volgende functies: een beleidsmatige functie: kritische reflectie op het te ontwikkelen, op de in het eerste lid genoemde gemeentelijk beleid; een signaleringsfunctie: signaleren van leemtes en aandragen van oplossingen over het in het eerste lid genoemde gemeentelijk beleid; een ideeën- en creativiteitsfunctie: ideeën en suggesties aandragen ter verbetering van het in het eerste lid genoemde gemeentelijk beleid (pro-actieve beleidsvorming). 4.. De adviesraad is verantwoordelijk voor het onderhouden van contacten met en het raadplegen van de Maassluise samenleving, enerzijds ten behoeven van het verkrijgen van draagvlak en anderzijds voor het kunnen signaleren van zaken die voor nadere advisering in aanmerking komen. 5.. Tot de in het eerste lid genoemde taak behoren geen klachten, bezwaarschriften en dergelijke aangelegenheden, die op individuele cliënten of geïndiceerden betrekking hebben, maar wel de hierbij gehanteerde procedures, regelingen en andere aangelegenheden met een algemeen karakter. 6.. Tot de in het eerste lid genoemde taak behoort evenmin advisering over de verplichte uitvoering van wettelijke voorschriften, voor zover bij deze uitvoering geen ruimte voor gemeentelijk beleid bestaat. 7.. Tot de in het eerste lid genoemde taak behoort evenmin advisering over zaken die op grond van de Wet op de ondernemingsraden behoren tot de competentie van de ondernemingsraad van Dukdalf. 8.. Het college reageert binnen een periode van acht weken schriftelijk op de door de adviesraad uitgebrachte adviezen en verzoeken. 9.. Naast het kwartaaloverleg met de portefeuillehouder kan de adviesraad op basis van een specifiek onderwerp overleg vragen met de verantwoordelijke wethouder indien dit een onderwerp uit de portefeuille van een andere wethouder betreft dan die van de portefeuillehouder op het gebied van samenlevingszaken. 10.. De adviesraad verstrekt aan het college de gewenste inlichtingen over haar werkzaamheden. 11.. Tenminste een maand voorafgaand aan elk kalenderjaar geeft de adviesraad aan het college in een werkplan aan welke werkzaamheden door de adviesraad worden verricht en op welke thema’s ongevraagd advies wordt uitgebracht. Dit werkplan wordt ter kennisname voorgelegd aan de gemeenteraad. 12.. Binnen zes maanden na afloop van elk kalenderjaar brengt de adviesraad schriftelijk verslag uit aan het college over de door de adviesraad in dat kalenderjaar verrichte werkzaamheden zoals in het werkplan staat omschreven. Dit verslag wordt ter kennisname voorgelegd aan de gemeenteraad.

Rechtspraak bij dit artikel