1.. De GAR stelt één keer per jaar een jaarverslag waarin een inhoudelijke en financiële verantwoording zijn opgenomen.

2.. De GAR rapporteert de resultaten van de in het eerste lid bedoelde evaluatie schriftelijk aan het college van burgemeester en wethouders. Het college brengt deze resultaten ter kennisneming van de gemeenteraad.

3.. Een besluit tot intrekking van deze verordening en opheffing van de GAR wordt nadat de GAR is gehoord, door het college van B&W genomen.