Naar hoofdinhoud

Artikel 8.

Ingangsdatum en duur van de afstemming

Onderdeel van Afstemmingsverordening IOAW en IOAZ 2013

1.. De afstemming wordt toegepast met ingang van de eerste van de kalendermaand volgend op de datum waarop het besluit tot afstemming van de uitkering aan de belanghebbende is bekendgemaakt. 2.. In afwijking van het eerste lid wordt de afstemming met terugwerkende kracht worden opgelegd, voor zover de uitkering nog niet is uitbetaald. 3.. In afwijking van het eerste lid kan de afstemming met terugwerkende kracht worden opgelegd als de uitkering is beëindigd en niet de gehele uitkering vanaf het moment van de gedraging anders dan vanwege de bedoelde afstemming wordt teruggevorderd. 5.. Een verlaging wordt, behalve bij recidive, voor de periode van één maand toegepast. 6.. Indien er meerdere afstemmingen worden opgelegd die bij elkaar meer bedragen dan 100%, dan wordt over de eerste maand de uitkering met 100% verlaagd. Het restant aan afstemming wordt zo veel mogelijk steeds voor een zo hoog mogelijk percentage de volgende maand(en) toegepast.

Rechtspraak bij dit artikel