1.. Als een belanghebbende een verplichting als bedoeld in artikel 18, vierde lid, van de Participatiewet niet of onvoldoende nakomt, bedraagt de verlaging 100% van de bijstandsnorm gedurende:

  • - één maand, bij gedragingen als bedoeld in artikel 18, vierde lid, onderdeel b, f en h, van de Participatiewet;
  • - twee maanden, bij gedragingen als bedoeld in artikel 18, vierde lid, onderdeel c, d, e en g, van de Participatiewet;
  • - drie maanden, bij gedragingen als bedoeld in artikel 18, vierde lid, onderdeel a.

2.. In het geval van recidive wordt de periode in het eerste lid, onderdeel a vastgesteld op twee maanden en de periode in het eerste lid, onderdeel b en c vastgesteld op drie maanden; of