Naar hoofdinhoud
1.. De standplaats mag niet eerder in gebruik worden genomen dan één uur voordat met de verkoop mag worden begonnen; 2.. de standplaats dient volledig te zijn ontruimd binnen één uur nadat de verkoop moet zijn beëindigd; 3.. het is voor de standplaatshouder verboden reclame aan te brengen anders dan voor eigen nering en/of naam; 4.. het aanprijzen van artikelen is toegestaan binnen de uitstallingsruimte door middel van één sandwichbord, met een maximale afmeting van 120 centimeter bij 80 centimeter,- 5.. het is, met uitzondering van de in artikel 11 eerste lid genoemde binnenruimte, verboden de standplaats te overkappen; 6.. de standplaatshouder is verplicht tijdens het gebruik van de hem toegewezen standplaats deze en de directe omgeving (binnen een straal van 25 meter) schoon te houden en bij het verlaten de standplaats schoon achter te laten; 7.. standplaatshouders en venters, die het is toegestaan eet- en drinkwaren voor consumptie gereed te maken, moeten tegen de voorzijde van hun verkoopinrichting twee korven of bakken van voldoende grootte en kwaliteit aanwezig hebben voor het inwerpen van afval; 8.. standplaatshouders zijn verplicht, gedurende de tijd dat zij goederen of waren voor verkoop aanbieden, op een duidelijk zichtbare plaats aan of in de verkoopinrichting een bord te hebben waarop duidelijk leesbaar de naam en voorletters en het telefoonnummer van de standplaatshouder zijn vermeld; 9.. het is de standplaatshouder verboden gebruik te maken van luidsprekers, versterkers en andere middelen ter versterking van geluid; 10.. het college kan in bijzondere gevallen, zo nodig onder door hen te stellen voorwaarden, ontheffing verlenen van het in het eerste en tweede lid gestelde; 11.. wanneer bij het gebruik van de standplaats tevens sprake is van een meldingsplichtige activiteit ingevolge de Wet milieubeheer, mag de standplaats niet gebruikt worden zolang de melding ingevolge de Wet milieubeheer niet is ontvangen door het college.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel