Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 1:

Artikel 7:

Hoe de maatregel wordt opgelegd

Onderdeel van Maatregelenverordening IOAW en IOAZ 2015

Als met de maatregel de uitkering wordt verlaagd, kan deze verlaging op twee momenten ingaan: Als de uitkering over de betreffende maand nog niet is uitgekeerd, wordt de maatregel opgelegd op de eerste dag nadat het besluit aan de belanghebbende bekend is gemaakt. Als de uitkering over de betreffende maand al is uitgekeerd, wordt de maatregel opgelegd op de eerste dag van de maand nadat het besluit aan de belanghebbende bekend is gemaakt. De maatregel kan met terugwerkende kracht worden opgelegd, als na de maatregelwaardige gedraging het recht op een IOAW of IOAZ-uitkering wordt beëindigd of ingetrokken. De basis is de grondslag die geldig is op de ingangsdatum van de maatregel. De maatregel kan niet eerder ingaan dan de dag waarop de gedraging heeft plaatsgevonden. Als blijkt dat er op het moment van de melding om een uitkering sprake is van maatregelwaardig gedrag dan wordt een maatregel opgelegd vanaf de ingangsdatum van de uitkering voor zover dit niet ligt voor de betreffende gedraging. Kan een maatregel, niet volledig worden uitgevoerd, omdat de uitkering wordt beëindigd? Dan wordt deze alsnog uitgevoerd, als de belanghebbende binnen een periode van één jaar opnieuw een uitkering op grond van de IOAW of IOAZ ontvangt. In die gevallen waarin een maatregel niet volledig kan worden uitgevoerd, omdat de hoogte van de uitkering onvoldoende is, kan het bedrag van de maatregel verdeeld worden over meer maanden.

Rechtspraak bij dit artikel