1 Het is verboden bouwwerken, standplaatsen en woonwagens daaronder
begrepen, te slopen zonder of in afwijking van een vergunning van
burgemeester en wethouders (sloopvergunning).
2 De in het eerste lid bedoelde vergunning is niet vereist indien
naar redelijke schatting de hoeveelheid sloopafval niet meer zal
bedragen dan 10 m3, tenzij het slopen mede betreft het verwijderen
van asbest. Voorts is geen vergunning vereist voor het slopen
ingevolge een besluit op grond van artikel 13 van de Woningwet, dan
wel een besluit tot toepassing van bestuursdwang of oplegging van
een last onder dwangsom. Burgemeester en wethouders kunnen aan hun
besluit voorwaarden verbinden als bedoeld in het derde lid.
3 Burgemeester en wethouders kunnen aan de sloopvergunning ondermeer
voorschriften verbinden over:
a de veiligheid tijdens het slopen;
b de bescherming van nabijgelegen bouwwerken;
c het scheiden en het op de sloopplaats gescheiden houden van het
sloopafval, ten minste inhoudende een scheiding in een fractie
asbest, een fractie gevaarlijk afval en een fractie overig
afval;
d het voor de aanvang van de sloopwerkzaamheden overleggen van de
gegevens als bedoeld in artikel 8.1.2, tweede lid, letter c, voor
zover deze gegevens niet reeds zijn overgelegd.
De voorschriften over het sloopafval, als bedoeld in het
derde lid, onder letter c, kunnen eisen bevatten omtrent het
selectief slopen, de fracties waarin wordt gescheiden, de
tijdelijke opslag op het sloopterrein en het in fracties
gescheiden verpakken van het sloopafval op het sloopterrein.
Burgemeester en wethouders verbinden aan de sloopvergunning
met betrekking tot asbest voorschriften over het
afzonderlijk gereed maken daarvan voor de afvoer van het
sloopterrein en over de termijn waarbinnen dit moet
plaatsvinden.
De vergunningplicht als bedoeld in het eerste lid geldt niet
indien in een tijdelijke bouwvergunning voor een
seizoensgebonden bouwwerk voorschriften zijn gesteld over
het slopen van het tijdelijke bouwwerk als bedoeld in het
zesde lid van artikel 45 van de Woningwet.
Burgemeester en wethouders kunnen aan de sloopvergunning het
volgende voorschrift verbinden: Uiterlijk twee weken voor
aanvang van de sloopwerkzaamheden moeten de eigenaren en/of
gebruikers van de nabijgelegen bouwwerken worden bericht
omtrent het tijdstip van aanvang van de sloopwerkzaamheden.
Bij deze mededeling moet in ieder geval worden geattendeerd
op eventuele wenselijkheid van een inventarisatie van de
bouwkundige staat van deze bouwwerken.
Hoofdstuk › Paragraaf 1
Artikel 8.1.1
Sloopvergunning
Onderdeel van nr 07.01 Bouwverordening Zevenaar 2007 (inhoudsopgave en tekst verordening)