Tijdstip van betaling.
De rechten moeten worden betaald in geval de kennisgeving als
bedoeld in artikel 3 mondeling wordt gedaan: op het moment van
het doen van de kennisgeving; in geval de kennisgeving
schriftelijk wordt gedaan: op het moment van uitreiken van de
kennisgeving;
indien de rechten niet op het in het eerste lid genoemde
tijdstip kunnen worden vastgesteld moeten deze, in afwijking van
het bepaalde in het eerste lid worden betaald binnen dertig
dagen na dagtekening van de schriftelijke kennisgeving, nota of
andere schriftuur;
in de in het tweede lid genoemde gevallen kan het college van
burgemeester en wethouders vorderen, dat ter voldoening van de
verschuldigde rechten een voorlopig gevorderd bedrag wordt
betaald. Bedoeld bedrag wordt vastgesteld tot ten hoogste het
bedrag waarop het te vorderen bedrag van de rechten vermoedelijk
zal worden vastgesteld.
HOOFDSTUK 1.
Artikel 4.
Artikel 4.
Onderdeel van Verordening op de heffing en invordering van Scheepvaartrechten Oss 2015