**1..** Het college kan de opgelegde maatregel als bedoeld in artikel 18, vijfde t/m achtste lid, Participatiewet stop zetten, op schriftelijk verzoek van belanghebbende als bedoeld in artikel 18, elfde lid, Participatiewet, indien hij aantoont dat:
**a..** uit zijn houding en gedraging blijkt dat hij de verplichtingen als genoemd in artikel 18, vierde lid, Participatiewet ondubbelzinnig nakomt; en
**b..** het aannemelijk is dat continueren van de maatregel zou leiden tot huisuitzetting van belanghebbende en diens gezin of andere onaanvaardbare consequenties heeft voor eventuele minderjarige belanghebbende(n).
**2..** Toepassing van het eerste lid is niet mogelijk binnen een maand na ingangsdatum van de maatregel.
**3..** Onverminderd het bepaalde in het tweede lid, vindt stopzetting van de maatregel plaats met ingang van de datum waarop het verzoek als bedoeld in het eerste lid, is ontvangen.
**4..** Als sprake is van een maatregel op grond van artikel 18, vierde lid, onderdeel a, Participatiewet, vindt geen stopzetting plaats.
Hoofdstuk 2
Artikel 12
Inkeerbepaling
Onderdeel van Verordening maatregelen Participatiewet, IOAW, IOAZ en Bbz 2017