In aanvulling op artikel 2.3 van de wet kan een jeugdige in aanmerking komen voor gespecialiseerde ondersteuning als bij de jeugdige sprake is van:

  • - een complexe ondersteuningsvraag, blijkend uit de noodzaak tot inzet van specialistische ondersteuning, of
  • - er bij het functioneren van de jeugdige sprake is van risico voor hemzelf of diens omgeving, of
  • - toezicht op de jeugdige mogelijk nodig is.