**1..** Het college kan aan een persoon als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel e en g op aanvraag een uitstroompremie toekennen bij uitstroom naar duurzame arbeid
**2..** Het college kan aan een uitkeringsgerechtigde op aanvraag een deeltijdpremie toekennen bij gedeeltelijke uitstroom naar duurzame arbeid, wanneer deeltijdwerk het maximaal haalbare is als gevolg van structurele medische beperkingen.
**3..** De premie bedraagt maximaal het bedrag als bedoeld in artikel 31, tweede lid onder j van de wet bij volledige uitstroom.
**4..** Bij gedeeltelijke uitstroom als bedoeld in lid 2, is het recht op de premie naar rato van het bedrag als bedoeld in artikel 31, tweede lid onder j van de wet.
**5..** Er bestaat geen recht op een deeltijdpremie, wanneer de uitkeringsgerechtigde bij aanvaarding van de dienstbetrekking recht heeft op een vrijlating van inkomsten als bedoeld in artikel 31, tweede lid onderdeel o van de wet of artikel 3.2 Inkomensbesluit IOAW/IOAZ of wanneer de uitkeringsgerechtigde recht heeft op een vrijlating van de aanvullende alleenstaande ouderkorting en combinatiekorting als bedoeld in artikel 31, tweede lid onder c van de wet.
**6..** De premie is bedoeld voor personen die voorafgaand aan de uitstroom minimaal 12 maanden een bijstandsuitkering of IOAW-uitkering hebben ontvangen.
**7..** Het recht op de premie ontstaat wanneer de aanvrager minimaal zes maanden aaneengesloten aan het werk is.
**8..** Het college verstrekt de uitstroompremie als bedoeld in het derde lid ten hoogste een maal per drie jaar, te rekenen vanaf de 1e datum van uitstroom naar duurzame arbeid.
**9..** Het college verstrekt de deeltijdpremie als bedoeld in het vierde lid eenmalig.
**10..** Stroomt de uitkeringsgerechtigde als bedoeld in lid 2 alsnog volledig uit, dan bestaat er, mits aan alle overige voorwaarden is voldaan, recht op de maximale uitstroompremie onder aftrek van de verstrekte deeltijdpremie als bedoeld in het vierde lid.
**11.** De uitstroompremie of deeltijdpremie zoals genoemd in het tweede en derde lid, wordt in één keer vooraf toegekend wanneer er sprake is van een arbeidsovereenkomst voor de duur van tenminste zes maanden. Kan betrokkene achteraf aantonen zes maanden aangesloten te hebben gewerkt, dan kan het college de uitstroompremie of deeltijdpremie achteraf toekennen.
**12..** Wanneer de arbeidsovereenkomst binnen zes maanden wordt ontbonden als gevolg van aantoonbare nalatigheid van betrokkene, dan wordt een evenredig deel van de uitbetaalde uitstroom- of deeltijdpremie teruggevorderd.
**13..** De persoon als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel g komt alleen in aanmerking voor een uitstroompremie wanneer het gezinsinkomen na uitstroom naar duurzame arbeid meer bedraagt dan 125% van het wettelijk minimumloon.
hoofdstuk 5.
Artikel 29.
Uitstroompremie
Onderdeel van Re-integratieverordening WWB, IOAW en WIJ gemeente Tytsjerksteradiel 2010