Als een maatwerkvoorziening noodzakelijk is, verstrekt het college
de goedkoopst adequate voorziening. Onder een voorziening verstaan
we een verantwoorde voorziening. De begrippen ‘goedkoopst’ en
‘adequaat’ moeten in onderlinge samenhang worden gezien. Adequaat
betekent dat de maatwerkvoorziening een reële oplossing biedt voor
het ervaren probleem in zelfredzaamheid en participatie. De
voorziening of combinatie van voorzieningen neemt de beperking weg
of als dat niet mogelijk is, vermindert de beperking zoveel
mogelijk. Wanneer er meerdere maatwerkvoorzieningen als adequate
oplossing mogelijk zijn, kan de gemeente vervolgens de goedkoopste
oplossing kiezen.
Voorzieningen, aanpassingen aan voorzieningen en accessoires die
kostenverhogend werken zonder dat ze noodzakelijk zijn, komen niet
voor vergoeding in aanmerking. Het kwaliteitsniveau moet aansluiten
bij een verantwoord niveau, zoals vastgelegd in de erkende vakhandel
of beroepsgroep. Meer dan dat hoeft niet.
Verantwoorde voorziening
Verantwoorde voorzieningen zijn diensten, hulpmiddelen,
woningaanpassingen en andere maatregelen die doeltreffend, doelmatig
en cliëntgericht worden verleend. Hiervan is sprake als:
de voorziening de beperking(en) opheft of, als dat
onmogelijk is, de beperking(en) vermindert en de
mogelijkheid biedt tot zelfredzaamheid en deelname aan het
maatschappelijk verkeer;
de voorziening toegesneden is op de beperkingen van de
cliënt en diens individuele omstandigheden;
de toegekende voorziening de mogelijkheid biedt om in
aanvaardbare mate deel te nemen aan het leven van
alledag;
de voorziening gericht is op een aanzienlijke versterking
van de zelfstandigheid en zelfregie van de cliënt;
de voorziening gericht is op de situatie dat de cliënt zo
lang mogelijk in de eigen leefomgeving kan blijven
wonen;
de voorziening voorziet in de behoefte van de cliënt aan
beschermd wonen of opvang en stelt hem/haar in staat om zich
zo snel mogelijk op eigen kracht te handhaven;
de voorziening er op gericht is dat de cliënt de
verschillende sociale rollen zoveel mogelijk kan vervullen,
zoals bijvoorbeeld de rol van partner en ouder.
Goedkoopst
De goedkoopste voorziening wordt beschouwd vanuit het gezichtspunt
van de gemeente: het gaat om een voorziening die voor de gemeente
het goedkoopst is. Daarbij kan ook rekening gehouden worden met
zogenaamde macro-overwegingen, overwegingen die het gehele beleid en
consequenties betreffen. Een goed voorbeeld hiervan is het
Collectief Vraagafhankelijk vervoer, dat zowel in de Wet voorziening
gehandicapten (Wvg) als in de Wmo 2007 toepasbaar was. Deze regeling
is ook in de jurisprudentie van de afgelopen jaren in stand
gebleven. Collectief vervoer kan goedkoper zijn vanwege de
mogelijkheden die dit systeem heeft om combinatieritten te maken,
die de kilometerprijs naar beneden brengen. Het is dus in het belang
van het systeem zoveel mogelijk gebruikers te hebben. Als teveel
personen met een beperking andere maatwerkvoorzieningen krijgen voor
het oplossen van hun vervoersprobleem kan de basis onder het
collectief vervoer in gevaar gebracht worden. Dat mag meetellen.
In het geval van collectief vervoer gaat het om een
maatwerkvoorziening die collectief wordt uitgevoerd.
Bij toepassing van goedkoopst wordt rekening gehouden met de
persoonlijke wensen van de cliënt met beperkingen. Als twee adequate
voorzieningen even duur zijn, mag de cliënt kiezen;
als hij/zij de voorkeur geeft aan een duurdere uitvoering
van de goedkoopst adequate voorziening dan kan de cliënt
hiervoor kiezen, mits hij/zij het prijsverschil zelf vooraf
bijbetaalt. Dit geldt bij alle hulpmiddelen en
woningaanpassingen. De risico’s die hieraan verbonden zijn,
zijn voor de cliënt.
voor de hulpmiddelen heeft de klant keuze uit het aanbod van
de door de gemeente aangewezen leverancier(s).
Deel 1 › Afdeling 2
Artikel 2.5.10
Het is de goedkoopst adequate voorziening (Verordening artikel 8 lid 5.)
Onderdeel van Beleidsregels Wet maatschappelijke ondersteuning Ridderkerk 2015