Naar hoofdinhoud
1.. Alle begrippen die in deze verordening worden gebruikt en die niet nader worden omschreven, hebben dezelfde betekenis als in de Wet investeren in jongeren en de Algemene wet bestuursrecht of de overige in deze verordening aangehaalde wetten. 2.. In deze verordening wordt verstaan onder: wet: de Wet investeren in jongeren (Wij); WWIK: de Wet Werk en Inkomen Kunstenaars; SUWI: de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen; het college: het college van de gemeente Leidschendam-Voorburg; de raad: de raad van de gemeente Leidschendam-Voorburg; de jongere: de belanghebbende zoals bedoeld in artikel 2 van de wet; inkomensvoorzieningsnorm: de op grond van de artikelen 26 tot en met 29 op de jongere van toepassing zijnde norm, vermeerderd of verminderd met de op grond van de artikelen 30 tot en met 35 door het college vastgestelde verhoging of verlaging; waarschuwing: een besluit inhoudende een terechtwijzing zonder een verlaging van de inkomensvoorziening; inburgeringsplichtige: persoon als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel b, van de Wet inburgering en die tevens kan worden aangemerkt als een persoon als is omschreven in artikel 1.2, onderdeel e, van deze verordening; benadelingsbedrag: het bruto bedrag dat als gevolg van het niet of niet behoorlijk nakomen van een inlichtingenverplichting ten onrechte is verleend als inkomensvoorziening; verlaging: de verlaging van de inkomensvoorziening op grond van artikel 41 van de wet; zeer ernstige misdragingen: het op een dusdanige wijze benaderen of bejegenen van het college, dan wel van personen die in opdracht van het college de wet uitvoeren, dat deze zich op een fysieke of psychische wijze, dan wel een combinatie van beide, bedreigd voelen.

Rechtspraak bij dit artikel