Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 6.

Artikel 11

Penningmeester

Onderdeel van Verordening Cliëntenraad Werk en Inkomen

1.. De raad kiest uit haar midden een penningmeester. De zittingsperiode van de penningmeester is gelijk aan die van de leden van de raad en eindigt: Aan het einde van de zittingsperiode; Door opzegging; Door ontslag door het college. 2.. Tot de taak van de penningmeester behoort: Het opstellen van de begroting voor 1 november van elk jaar voorafgaand aan het begrotingsjaar; Het beheren van het toegekende budget op zodanige wijze dat de rechtmatigheid van de gedane uitgaven en inkomsten op elk moment kan worden vastgesteld; Het opstellen van een jaarlijks verslag ten behoeve van het college over de besteding van het beschikbaar gestelde budget gerelateerd aan verrichte activiteiten door de raad (financieel jaarverslag) voor 1 april volgend op het verslagjaar; Het verrichten van betalingen per bank en/of giro.

Rechtspraak bij dit artikel