Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk

Artikel 3.1

Hulpvraag van een belanghebbende burger

Onderdeel van Beleidsregels Wmo gemeente 's-Hertogenbosch 2015

Wanneer een belanghebbende burger behoefte heeft aan hulp of ondersteuning kan hij terecht op hem bekende plaatsen waar hij nu ook al zijn vragen kan stellen. Bijvoorbeeld bij de gemeente (het Gemeentelijk Contactcentrum), het wijkplein, de woningcorporatie, de wijkagent, het welzijnswerk, vrijwilligers in de wijk, het maatschappelijk werk, de thuiszorg en de huisarts. Soms blijkt na een korte vraagverkenning dat informatie en advies voldoende is voor de belanghebbende burger om het ondervonden probleem op te lossen. De basisprofessionals die bij de voornoemde instanties en instellingen werken kunnen een aantal voorzieningen, waarvoor géén toegangsbesluit nodig is, inzetten. Wanneer informatie en advies niet voldoende is en/of meer ondersteuning of hulp nodig is wordt de belanghebbende burger in contact gebracht met een consulent Wmo/Jeugd. Is de problematiek meervoudig en is verdere vraagverheldering of verdieping nodig dan wordt via de basisprofessionals of het GCC één van de werkers van het Sociaal Wijkteam (SWT) ingezet. Bij zeer complexe problematiek wordt in de toekomst een werker van het Centrum voor Complexe Casuïstiek (C3) ingezet. Er is dan sprake van een formele melding van een hulpvraag. Dus, er is sprake van een melding als een hulpvraag niet opgelost is met informatie of advies of verwijzing naar een voorziening zonder toegangsbeschikking. Besluit: Op het moment dat een burger met een hulpvraag niet geholpen is met informatie en advies of inzet van voorzieningen zonder toegangsbesluit, neemt de consulent Wmo/Jeugd, de werker van het SWT of C3 contact op met de belanghebbende burger over zijn melding”

Rechtspraak bij dit artikel