In de Verordening Wmo 2015 is maatwerkvoorziening omschreven (art. 8).
Maatwerk is het op de behoeften, persoonskenmerken en mogelijkheden van een persoon afgestemd geheel van diensten, hulpmiddelen, woningaanpassingen en andere maatregelen:
ten behoeve van zelfredzaamheid, daaronder begrepen kortdurend verblijf in een instelling ter ontlasting van de mantelzorger, het daarvoor noodzakelijke vervoer, alsmede hulpmiddelen, woningaanpassingen en andere maatregelen,
ten behoeve van participatie, daaronder begrepen het daarvoor noodzakelijke vervoer, alsmede hulpmiddelen en andere maatregelen,
ten behoeve van beschermd wonen en opvang.
Het is aan het college om een 'maatwerkvoorziening' te verstrekken, ter compensatie van de beperkingen in de zelfredzaamheid of participatie die de cliënt ondervindt, voor zover er geen andere oplossingen voor de hulpvraag vóór liggen.
Uitgangspunt voor een Wmo-verstrekking is niet louter de diagnose of beperking van de zorgvrager. De Wmo betrekt uitdrukkelijk de eigen mogelijkheden van de hulpvrager of zijn[3] sociale netwerk bij de oplossing van zijn probleem. Het college ondersteunt de cliënt waar hij beperkingen ervaart in zijn zelfredzaamheid en participatie in het maatschappelijk verkeer.
Het Financieel besluit Wmo & Jeugdhulp regelt alle financiële bepalingen, w.o. de hoogte van de eigen bijdrage en de tarieven van het persoonsgebonden budget (pgb). Jaarlijks stelt het college deze bedragen vast, één en ander wel binnen de kaders van het landelijk Financieel besluit maatschappelijke ondersteuning.
De meest in het oog springende hervorming in de Wmo betreft de decentralisatie van een aantal voormalige AWBZ-taken naar de Wmo. In de nieuwe Wmo wordt de gemeente verantwoordelijk voor het verstrekken van de huidige maatwerkvoorzieningen en de volgende nieuwe functies:
Begeleiding individueel;
Begeleiding groep (dagbesteding);
Kortdurend verblijf;
Beschermd wonen;
Persoonlijk verzorging (de vormen van verzorging verwant aan ‘begeleiding’, niet de lichamelijke verzorging).
De gemeente blijft naast de nieuwe taken verantwoordelijk voor het uitvoeren van taken die al uitgevoerd werden binnen de ‘oude’ Wmo. Belangrijke kanttekening is dat de gemeente Delft namens ons de taak van beschermd wonen uitvoert als centrumgemeente. De inwoner kan in Westland kenbaar maken dat hij beschermd wonen wil aanvragen, maar wordt voor de aanvraag en verdere uitvoering naar Delft verwezen.
[3] Waar 'hij' of 'hem' staat, gelieve ook 'zij' of 'haar' te lezen
Hoofdstuk 1.
Artikel 1.2.5
Maatwerkvoorziening
Onderdeel van Beleidsregels maatschappelijke ondersteuning Westland 2015