Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4.

Artikel 4.2

Voorwaarden om in aanmerking te komen voor een pgb

Onderdeel van Beleidsregels maatschappelijke ondersteuning Westland 2015

In de wet staan een aantal voorwaarden waaraan voldaan moet worden om een pgb te kunnen krijgen (artikel 2.3.6). Het college heeft een aantal voorwaarden verder uitgewerkt conform artikel 11 van de Wmo verordening): de cliënt moet voldoen aan de voorwaarden om een maatwerkvoorziening te kunnen krijgen (artikel 8 Verordening Wmo); de hoogte van het pgb wordt vastgesteld in het Financieel besluit Wmo & Jeugdhulp (Wmo verordening artikel 11, lid 4); het college bepaalt bij nadere regeling onder welke voorwaarden betreffende het tarief, een cliënt aan wie een pgb wordt verstrekt de mogelijkheid heeft om diensten, hulpmiddelen, woningaanpassingen en andere maatregelen te betrekken van een persoon die behoort tot het sociaal netwerk (Wmo verordening artikel 11, lid 5); het pgb mag niet via tussenpersonen of belangenbehartigers worden beheerd of besteed en zij mogen er zelf niet uit betaald worden; er bestaat geen recht op pgb voor zover het is bestemd voor besteding in het buitenland, tenzij het college hier vooraf expliciet toestemming voor verleent. Het college kan hierover nadere regels stellen; als de cliënt de maatwerkvoorziening in de vorm van een pgb geleverd wil hebben moet de cliënt of zijn budgetbeheerder in staat zijn om een ondersteuningsplan te maken en een zorgovereenkomst af te sluiten met de Sociale Verzekeringsbank (SVB); als de cliënt in aanmerking wil komen voor een maatwerkvoorziening en die voorziening geleverd wil hebben in de vorm van een pgb dan dient de cliënt een ondersteuningsplan in te dienen.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel