Naar hoofdinhoud

Artikel 10

Declaratie

Onderdeel van REGELING REISKOSTEN

Lid 1 Het declareren van de reis- en verblijfkosten geschiedt op een het bevoegd gezag voorgeschreven wijze, onder overlegging van de vereiste bewijsstukken. Lid 2 De aanspraak op een vergoeding vervalt, indien de betrokkene de declaratie niet indient binnen drie maanden na de maand waarop de declaratie betrekking heeft. Lid 3 De vergoedingen voor reis- en verblijfkosten krachtens deze regeling, zoals opgenomen in artikel 14, worden gewijzigd overeenkomstig sectorale richtlijnen.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel